25 juni 2016

Merkel (Juncker) [Tusk]: “Brexit moet langzaam (snel), maar [niet hysterisch]”

Als je wilt weten waarom de EU-burgers gek worden van de EU en vooral van zijn leiders, luister dan eens goed naar de reacties van die leiders op de keuze voor Brexit door het Britse volk. Hier Frau Merkel. Zij vindt overhaaste besprekingen over het vertrek van het VK ongepast. Maar daar komt de voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker die zegt dat de onderhandelingen over het vertrek van het VK direct zouden moeten starten: “de Britten willen de EU verlaten en dus heeft het geen zin tot oktober te wachten met de onderhandelingen.” Weg met die Britten, en zo snel mogelijk. Dan is er natuurlijk nog de ‘president’ van de Europese Raad, Donald Tusk. Wat vindt hij (hij is per slot van rekening president), direct beginnen (Juncker), of nog even wachten (Merkel). De uitslag van het Britse referendum was een historisch moment, maar het was geen moment voor “hysterische reacties”, aldus Tusk. Daar zijn we het natuurlijk allemaal mee eens: houdt het hoofd koel, geen paniek zoals op de beurzen wereldwijd, zonder dat er (behalve een referendum) iets was gebeurd. Maar wie was er hysterisch? Was het Merkel die (alsjeblieft) om uitstel voor verwijdering vroeg, of was het Juncker die de Britten per ommegaande van het continent wil verdrijven? We weten het niet, zoals we het nooit weten wat de EU wil / kan / moet doen als er een crisis uitbreekt. Bij crises in de EU gebeurt ongeveer het volgende. Eerst gaan de leiders elkaar drie tot zes maanden tegenspreken, daarna gaan ze drie tot zes maanden bij elkaar zitten zonder tot een duidelijke conclusie te komen, daarna gaan ze de oplossing van de crisis een jaar uitstellen, waarna het jaar daarop de oplossing opnieuw wordt uitgesteld. Geen wonder dus, dat Brexit.    

23 juni 2016

Damiaan Denys (psychiater): de Rémon W.’s worden niet behandeld dankzij de marktwerking in de zorg

Wij vertelden over Rémon W. die, ondanks ernstige psychotische klachten, vrij bleef rondlopen dankzij het OM en niet (meer) behandeld werd door de geestelijke gezondheidszorg (ggz), omdat dat, volgens de persvoorlichter van het OM ”niet gewerkt zou hebben”. Waarom, zo vroegen wij ons af, kan een sector als de ggz die jaarlijks een kleine 10 miljard euro van de belastingbetaler ontvangt, de meest ernstige psychiatrische patiënten niet behandelen? Psychiater Damiaan Denys geeft deze week in De Volkskrant een antwoord op die vraag. Volgens hem is door de marktwerking in de ggz de drempel voor behandeling verlaagd. Er worden steeds meer mensen met ‘ongemak’ behandeld in plaats van mensen met ‘ziekte’. De mensen met complexe, dubbele diagnoses krijgen daardoor onvoldoende zorg, want “met de complexe patiënten kun je niet scoren”. De zorgverzekeraars willen resultaten zien en die bereik je niet met “iemand met een borderline-persoonlijkheidsstoornis die al voor de achtste keer suïcide heeft proberen te plegen en al zes keer is langs geweest”. Instellingen willen dit soort patiënten niet hebben, omdat de verzekeraar daar geen, of te weinig vergoeding meer voor geeft (zo is de suggestie van Denys). Ze nemen dan liever lichte gevallen, want die kun je ‘genezen’. De analyse van Denys is dus dat door de marktwerking in de zorg de zorgverzekeraars resultaten van behandeling willen zien, want anders lopen de kosten op voor de verzekeraar (en dat verzwakt hun concurrentiepositie). Daardoor worden steeds meer lichte gevallen in behandeling genomen (want die ‘genezen’) en de complexe gevallen worden buiten gesloten (want die genezen niet). Daardoor nemen de kosten toe. Hé, hier klopt iets niet! De zorgverzekeraars wilden toch lagere kosten? Wat mist er? Antwoord: de instellingen zelf die heel graag rijk willen worden.

22 juni 2016

Rémon W.: volgens OM niet gevaarlijk genoeg voor gedwongen opname

En weer gaat het mis met een man met een ernstige psychische stoornis die door het OM en de rechter op de maatschappij wordt losgelaten. Gevolg: een gezin met jonge kinderen in de knop gebroken. En alweer, net als in het geval van Bart van Urk kan er een beschuldigende vinger gaan naar het Openbaar Ministerie (OM). Volgens de berichtgeving wilde het OM Rémon W. niet gedwongen laten opnemen, ondanks een verzoek van de reclassering en ondanks smeekbedes van de moeder van Rémon W. om haar zoon niet vrij te laten. Rémon W. had al diverse ernstige delicten op zijn naam staan, waaronder bedreiging en mishandeling van zijn eigen familie. Volgens het OM was hij al eerder opgenomen geweest in een kliniek, maar daar weer uit ontslagen. De behandeling zou niet gewerkt hebben. Inderdaad, l’histoire se répète, want bij Bart van Urk ging het op precies dezelfde manier. Kliniek in, kliniek uit. Daar was het niet alleen zijn eigen familie, maar zelfs Bart van Urk zelf die om opname vroeg, maar ook dat hielp niet. Bart van Urk bleef vrij en kon zijn moorden plegen. Hoe komt het toch dat we geen raad weten met levensgevaarlijke mensen en we ze daarom maar hun gang laten gaan? Waarom is onze geestelijke gezondheidszorg die per jaar zo’n 10 miljard euro verstookt niet in staat de meest ernstige gevallen te behandelen? De Volkskrant van deze week had daar een paar lezenswaardige hypothesen over, aan de hand van interviews met, laten we zeggen, goede psychiaters, dat wil zeggen psychiaters die geen eurobiljetten maar problemen zien en daar oplossingen voor willen bedenken. We komen daar op terug, maar voelen nu vooral mededogen met het verongelukte gezin. 

18 juni 2016

Martin van Rijn (staatssecretaris): gemeenten moeten doen wat ik zeg

Ja, laten we het weer eens hebben over Martin van Rijn, de staatssecretaris van volksgezondheid. Hij is verantwoordelijk voor de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten, wij hebben het daar al eens over gehad. Het argument van het kabinet hiervoor was dat gemeenten beter dan het Rijk kunnen voorkomen dat te veel kinderen in het medische circuit (van psychologen en psychiaters) terecht komen. Gemeenten kunnen beter dan het rijk tegenwicht bieden tegen het medische circuit dat zo machtig is, dat ze zelf het aantal cliënten kan bepalen. Gemeenten moeten dan wel de kans krijgen zelf te bepalen hoe ze de zorg gaan organiseren. Zoals wij zagen, was de staatssecretaris daar niet altijd even consequent in. Laten we deze quote maar weer eens herhalen: “Het is straks niet de gemeente die bepaalt welke zorg en medicijnen een kind krijgt, maar de professional.” Enfin, de gemeenten proberen de jeugdzorg te organiseren en daarbij is een papierwinkel onvermijdelijk. Het liefste willen de medici van de geest helemaal geen papieren invullen, want dan kunnen ze minder tijd aan de patiënt besteden, zeggen ze. Dan kunnen ze er ook minder aan verdienen, denk ik er dan bij, want in de geestelijke gezondheidszorg wordt goed geld verdiend. Daar heb je als geestelijke-gezondheidszorger natuurlijk liever geen pottenkijkers bij. Dus daar komt de staatssecretaris weer. Hij wil dat gemeenten en instellingen onderling de samenwerking stroomlijnen en als het te lang duurt, zal hij actie ondernemen. “Niemand wordt er vrolijk van als er meer geld gaat naar bureaucratie.” Helaas, de goede man begrijpt nog steeds niet dat decentralisatie betekent dat gemeenten (en niet het rijk) zelf kunnen bepalen hoe ze de uit de hand lopende kosten van de jeugdzorg gaan beteugelen. Kan die man zelf ook niet gedecentraliseerd worden?

15 juni 2016

Mark Rutte (Brexiteer?): “Brexit is in het voordeel van (Ajax) Amsterdam”

Onze eigen premier Mark Rutte heeft in een interview gezegd dat een Brexit goed is voor Amsterdam als financieel centrum, want financiële dienstverleners zullen dan verkassen van Londen naar Amsterdam. Hoe hij dat zo zeker weet, zei hij er niet bij (waarom gaan de financiële dienstverleners niet naar Frankfurt, of blijven ze gewoon lekker in Londen?), maar hij zei wel (als goedaardig altruïst) dat hij liever heeft dat het VK in de EU blijft dan dat Amsterdam als financieel centrum wordt opgepimpt. Want, aldus de premier, onze gezamenlijke traditie als zeevarende naties betekent ook dat we eenzelfde kijk hebben op vrije handel en het verdiepen van de interne markt. Tot zover de premier. Hij vergat te vermelden (en dat in deze tijd van voetbal) dat als het VK de EU verlaat het Bosman-arrest niet langer meer geldt voor topvoetballers in Nederland die naar de Premier League willen verhuizen. Ook als het contract is afgelopen van de desbetreffende speler kan een Nederlandse club van een Engelse club (net als vroeger) een transfersom eisen. Met andere woorden, het proletarische winkelen van de Engelse clubs bij de Nederlandse clubs hoort (wellicht) binnenkort tot het verleden en er komt een eind aan de exodus van in Nederland spelende topvoetballers naar de Premier League. Er gloort dus eindelijk weer een beetje hoop voor Ajax dat de club misschien ooit nog een rol van betekenis kan spelen in de Champions League. Maar, inderdaad, om maar weer met de premier te spreken, wij vrezen ook dat de “collectieve wijsheid van de Britten” (in dit geval eigenlijk de Engelsen, want de Schotten hebben misschien nog wel meer last van de Premier League dan de Nederlanders) ze er van zal weerhouden de EU te verlaten. 

13 juni 2016

Alexander Rosenberg: economie is geen wetenschap… O, toch wel

Een redacteur van een economisch tijdschrift gaf mij onlangs het advies het werk van Alexander Rosenberg te bekijken. Het ging om de vraag of het gebruik van wiskunde in de economie een bewijs is van de wetenschappelijke aard van economie. De bekende Amerikaanse econoom Paul Romer had beweerd dat veel academische economen wiskunde gebruikten, niet om de wetenschap te dienen, maar om anderen zand in de ogen te strooien. Zoiets, zei boven vermelde redacteur, had Rosenberg 24 jaar geleden ook al beweerd. Wij natuurlijk Rosenberg lezen. Volgens Rosenberg, anno 1992, investeerden academische economen steeds meer in wiskundige technieken in de hoop dat daarmee de economie beter verklaard kon worden, maar, helaas, aldus Rosenberg, de voorspellingen van economen worden er maar niet beter op. De economie blijft steken in toegepaste wiskunde en is dus geen wetenschap. Over wiskunde in de economie bestaan vele misverstanden (zie o.a. hier). Wiskunde is een taal waarmee veel economen spreken, die het echter niet makkelijker maakt om te voorspellen. Economie is een vorm van toegepaste logica, zoals de onsterfelijke Keynes schreef. Als je op basis van een economische theorie de economische werkelijkheid wilt gaan voorspellen, verliest de theorie zijn algemeenheid. Die voorspelling is immers maar op één plaats en in één periode geldig. Dat vond Keynes in 1938. In 2015 vond Rosenberg opeens economie toch wel een wetenschap, namelijk een historische wetenschap. De (economische) geschiedenis kun je met enig geluk verklaren, maar je kunt de geschiedenis niet voorspellen: iedere gebeurtenis is uniek en niet te herhalen. Daarom kunnen er ook geen ‘wetten’ zijn in de economie. Wetten die door de natuurkunde of de scheikunde zijn geformuleerd, zijn niet afhankelijk van plaats en tijd: ze zijn universeel geldig. De mens echter leeft alleen op planeet aarde.

11 juni 2016

Zeger Wijnans (40 jaar onderwijsdirecteur?): is gelukkig met pensioen

Als docent aan een universiteit hoef ik niet de hele dag voor de klas te staan zoals docenten bij andere schooltypen. Ik benijd ze niet. Als ik twee uur les heb gegeven, ben ik zo uitgeput dat ik zeker een uur niets nuttigs meer kan doen. Als je 27 uur les moet geven, zoals dat bij een voltijds onderwijsbaan vaak het geval is, zou ik daar dus direct 13,5 niet productieve uren aan moeten toevoegen. Tussenuren (waar docenten vaak mee geconfronteerd worden) zouden voor mij een must zijn. Dan ben ik dus al 40,5 uur onder de pannen. Dan heb ik nog geen les voorbereid (minstens 20 minuten per lesuur, ofte wel 9 uur per week), nog geen leerling of ouder gemaild die wat van mij wil (een hoger cijfer, betere lessen: laten we zeggen 1 uur per week), en ook nog geen proefwerk nagekeken (3 uur per week). Dan zou ik op 53,5 uur per week zitten x 38 lesweken, geeft: 2033 uur per jaar, terwijl 1700 ongeveer het maximum is. Oud leraar/directeur Zeger Wijnans heeft, achter zijn pensionado geraniums, ook zo’n berekening gemaakt die zelfs De Volkskrant van 10 juni jl. haalde. Hij berekende: 27 lesuren (van 50 minuten) zijn 22,5 uren. Als je daarnaast iedere dag 4 uur aan andere taken besteedt, kom je uit op 42,5 lesuren per week, of 1615 uur per jaar. Kortom, het onderwijs is een luizenbaan. Ja inderdaad, als docenten in hun eigen tijd naar het klaslokaal moeten lopen, kan ik ook tot de conclusie komen dat docenten niet moeten klagen. Wijnans is vast het grootste deel van zijn leven onderwijsdirecteur geweest die de zweep over zijn docentenkorps legde. Hij beschouwt onderwijs als lopendebandwerk. Gelukkig is hij inmiddels met pensioen. 

08 juni 2016

Edith Schippers (zorgminister): Tromp was gevaar voor patiënten

We weten nog dat in oktober 2013 huisarts Nico Tromp zelfmoord pleegde nadat hij was geschorst door de inspectie van de gezondheidszorg (IGZ) wegens het toedienen van morfine aan een terminale patiënt. De IGZ vermoedde dat Tromp zich te buiten ging aan structureel medische wanpraktijken. Dit vermoeden was niet gebaseerd op onderzoek door de IGZ bij de huisartsenpraktijk van Tromp. Anneke Tromp, de weduwe van huisarts Tromp, heeft de rechtmatigheid van de schorsing tot bij de Raad van State (RvS) aangevochten. Vorige week oordeelde de RvS dat de schorsing van Nico Tromp door de IGZ onrechtmatig was. De uitspraak was gebaseerd op de overdracht van de huisartsenpraktijk door Tromp, niet op de vraag of als Tromp wel weer aan de slag was gegaan zijn patiënten gevaar zouden lopen. De RvS hoefde daar niet over te oordelen omdat de kans dat Tromp weer zijn praktijk zou opvatten nul was, zodat de schorsing hoe dan ook overbodig was. Op verzoek van de Kamer heeft de minister een reactie op de uitspraak van de RvS gegeven. Schippers schrijft: “De Raad van State heeft zich niet uitgesproken of aan de eerste voorwaarde voor het geven van een bevel is voldaan, namelijk of de huisarts aan zijn patiënt verantwoorde zorg heeft onthouden.Hoe vilein kan een bewindspersoon zijn? Zij suggereert daarmee immers dat Nico Tromp toch een huisarts was die zich te buiten ging aan grensoverschrijdend medisch wangedrag, zoals ze eerder uitsprak. Deze uitspraak neemt ze niet terug. Volgens de brief van de minister mag de IGZ in de toekomst gewoon zonder gedegen onderzoek artsen blijven schorsen. Alleen mag dat niet meer zo snel gebeuren.

07 juni 2016

Jeroen Dijsselbloem (Eurogroep): Je wordt blind van oogje toeknijpen (I)

Onze eigen minister van financiën, Jeroen Dijsselbloem, is voorzitter van de eurogroep. Deze groep bestaat uit de ministers van Financiën van de eurolanden en heeft als doel de coördinatie van economisch beleid binnen de eurozone te versterken en de financiële stabiliteit van de eurolanden te bevorderen. Mooie doelen, maar formeel gaat de eurogroep hier niet over, maar de Europese Commissie (EC). Over de EC hebben wij ons echter sceptisch betoond: er is geen rol voor een flexibel begrotingsbeleid, de EC let alleen op de begrotingsregels. Flexibel begrotingsbeleid zou zijn dat de landen die het kunnen dragen (Nederland, Duitsland, Oostenrijk) hun overheidstekorten gaan verhogen om te proberen de nog steeds zwakke Europese economie te stimuleren. Daarvan profiteren dan de landen die moeite hebben hun begroting in toom te houden (Frankrijk, Spanje, Portugal, Griekenland). Die landen moet je juist niet toelaten hun tekorten te vergroten, want dan gaan hun overheidsschulden ‘exploderen’, dat wil zeggen, die schulden gaan sneller stijgen dan hun nationale inkomens. Voor Griekenland geldt dat al en het gevolg is dan dat andere eurolanden in feite die schulden moeten financieren. Dat is wat nu gaande is, zonder dat men het (al) wil toegeven: de andere eurolanden draaien op voor het grootste deel van de schuld van de Grieken. De voorzitter van de EC, Jean-Claude Juncker, heeft recent gezegd dat hij voor de te hoge tekorten van Frankrijk en Spanje wel een oogje wil toeknijpen. Jeroen Dijsselbloem boos: “Als de EC zijn ogen sluit voor te hoge begrotingstekorten, hebben we op het laatste een blinde EU.” Mooi gevonden, inderdaad. Maar heeft hij gelijk? Jazeker, helaas alleen maar voor de helft en dan ook nog voor de verkeerde helft. Net als Jean-Claude Juncker voor de verkeerde helft gelijk heeft (wordt vervolgd).

02 juni 2016

Sylvana Simons (DENK): Alle Nederlanders één? (II)

Sylvana Simons is nu dus vooraanstaand lid van de nieuwe politieke partij DENK en op de verrekijk mocht ze uitgebreid uitleggen waarom (kijk en luister zelf maar). Kijk ook hier wat DENK wil. Veel polderpraat, maar dat doen politieke partijen als PvdA, SP en CDA ook. Waarom is DENK dan nodig? Wel, omdat DENK vindt dat integratie van de ‘allochtone’ Nederlanders klaar is (en anderen dat inzicht nog niet hebben). Daarover hoeven we het dus niet meer te hebben. Net zo min als over ‘allochtonen’, want dat zijn gewoon Nederlanders. Als er groepen mensen zijn (Marokkaanse, Turkse, Surinaamse, etc. Nederlanders) die niet mee lijken te tellen, ligt dat niet aan een gebrek aan integratie, want die is dus klaar. Aldus DENK. Wat zijn dan wel de oorzaken van de (overduidelijke) achterstanden van deze groepen? Hoe komt het bijvoorbeeld dat er zoveel misdaad is onder jonge Marokkaanse Nederlanders? Uiteraard, aldus DENK, komt dat door het racisme en de discriminatie waar de ‘witte’ Nederlanders zich aan schuldig maken. Het ligt niet aan een gebrek aan opvoeding. Het ligt ook zeker niet aan het islamitisch onderwijs dat kinderen opvoedt tot extremisten, zoals de regering in sommige gevallen vermoedt. Dat de regering dan subsidie aan dergelijke islamitische onderwijsinstellingen dreigt in te trekken, wordt door DENK in hun politieke pamflet ‘treiteren’ genoemd. Religieus fundamentalisme is kennelijk, volgens DENK geen beletsel voor het “volop meedraaien in de samenleving”. Wij weten natuurlijk beter. Behalve dan kennelijk Sylvana Simons, die wij toch een van ‘de onzen’ zouden willen noemen. Maar ja, als ze dan een politieke partij kiest die toch vooral voor een gesegregeerd Nederland lijkt te kiezen, maakt ze het ons wel heel moeilijk haar (figuurlijk) te omhelzen. [Zie hier voor een uitgebreidere opinie over DENK]

01 juni 2016

Nico Tromp (Tuitjenhorn): postuum eerherstel!

We hebben het hier al vaak over de ‘zaak’ van huisarts Nico Tromp gehad, laatst nog hier, en zie ook hier. Hij pleegde zelfmoord nadat hij was geschorst wegens het toedienen van een overdosis morfine aan een terminale patiënt. Deze zaak zorgde voor veel onrust. Uit het rapport van de commissie Bleichrodt bleek dat de inspectie van de gezondheidszorg, IGZ, Tromp had geschorst zonder enig onderzoek bij de huisartsenpraktijk van Tromp gedaan te hebben. Bleichrodt vond dat echter geen probleem, want er was volgens hem wel degelijk sprake van een ‘zorgvuldige afweging van belangen’, maar ik en vele anderen vonden het optreden van de IGZ in deze zaak minstens onzorgvuldig en waarschijnlijk onrechtmatig. Het leek er op dat Bleichrodt vooral de betrokken ministers (Justitie en Volksgezondheid) wilde sparen voor de fouten van hun diensten (OM en IGZ). In ieder geval was het Bleichrodt-rapport aanleiding genoeg voor deze ministers over de onzorgvuldigheden van hun diensten te zwijgen. Minister Edith Schippers deed daar nog een schepje bovenop door van grensoverschrijdend gedrag door Nico Tromp te spreken tijdens de openbaarmaking van het rapport. Anneke Tromp, de weduwe van huisarts Tromp, deed inmiddels pogingen de rechtmatigheid van het optreden van de IGZ in deze zaak aan te vechten. Zij is tot een hoger beroep bij de Raad van State gekomen. Hoewel de IGZ als een kille en slecht geïnformeerde bureaucratie is opgetreden in deze zaak, vreesden wij dat de Raad van State dit toch niet onrechtmatig zou vinden, maar zie daar, de Raad van State vindt dat de schorsing van Nico Tromp door de IGZ wel degelijk onrechtmatig was. Het is een genoegdoening voor ons rechtsgevoel, maar het is een schrale troost voor Anneke Tromp, want Nico Tromp zal er niet door tot leven gewekt worden. (Naschrift: de troost is alweer veel schraler, want van de minister krijgt Nico Tromp geen eerherstel)