31 december 2015

Bas Thijs: vluchtelingen zijn gratis, kijk maar (naar het plaatje), I

De vluchtelingencrisis heeft een grote kans net zo’n crisis te worden als 30 jaar geleden de oliecrisis: als de vluchtelingenstroom aanhoudt, dreigt er massawerkloosheid. Zoiets schreef ik eerder in De Volkskrant, maar op de website Sargasso schreef een zekere Okto over mijn stukje: “Het valt op dat er in het hele artikel geen getal genoemd wordt. Lekker fact-free en getallenloos angsten voeden.” Hij wil cijfers. Nu bleek dat een paar weken eerder op Sargasso een stuk van Bas Thijs was gepubliceerd, dat wel cijfers bevatte en dat al onze angsten (kennelijk) moest wegnemen. Asielzoekers kosten helemaal niets, zo was de suggestie. Als je officiële statistieken gebruikt vallen de kosten van vluchtelingen helemaal weg (zie plaatje). O ja? Bij mij riep de hele exercitie van Thijs alleen maar het bekende cliché over statistiek op. Mag ik ook eens een suggestieve berekening uitvoeren (die jongens en meisjes op Sargasso zijn daar immers dol op). Wij gaan kijken naar de kosten van de bijstand aan de niet Westerse allochtonen (Turken, Marokkanen, Irakezen, Somaliërs, enz., maar Surinamers en Antillianen dan weer uitgezonderd, die zijn mij toch te veel ‘autochtone’ Nederlanders). Die allochtonen zijn natuurlijk niet noodzakelijk allemaal vluchtelingen, maar ze waren eens immigranten, zoals de huidige vluchtelingen ook immigranten zijn en zullen blijven. Dus, door aan die groep te spiegelen kunnen we een idee krijgen van de toekomstige kosten van de huidige vluchtelingen. Inmiddels weten we hoeveel vluchtelingen er van PvdA-fractieleider Diederik Samson het land binnen mogen komen, namelijk 200.000. We gaan er vanuit dat 20% daarvan op de duur afhankelijk zal zijn van een bijstandsuitkering. Dat is genereus: van de Irakezen, die momenteel in Nederland zijn, krijgt 37% bijstand, van de Somaliërs is dat zelfs 53%,zie hier, tabel 1). Het aantal bijstandontvangers onder de niet Westerse allochtonen krijgen we door de percentages in de genoemde tabel toe te passen op de aantallen in deze CBS-publicatie, blz. 26. De kosten krijgen we door de aantallen bijstandsontvangers te vermenigvuldigen met het gemiddelde nettobedrag (ongeveer 12.000 euro, de brutobedragen zijn uiteraard hoger). Hier beneden staat het resultaat. Houdt die getallen en bedragen in gedachten, want we komen er op terug.

In de bijstand:
‘Vroegere’ migranten:
Turken                                                        40.000
Marokkanen                                               56.000
Overige (20% van 731.000)                     140.000
Totaal migranten                                      236.000
‘Huidige’ vluchtelingen:
20% van 200.000 (Samson-norm)             40.000
Totaal bijstand                                         276.000

Totale kosten:  276.0000 x 12.000 € = 3,3 mrd €.

29 december 2015

Sargasso (Okto c.s.): “De bakker en wij worden beter van vluchtelingen”

Wij proberen onze studenten in de economie te leren zuiver te redeneren. Dat is niet eenvoudig, omdat in de economie alles met alles samenhangt. Wat haal je er wel bij en wat niet. In een stuk in De Volkskrant beweerde ik dat de instroom van vluchtelingen zal leiden tot lagere lonen voor de laagst betaalden en/of werkloosheid onder de laagst betaalden. Dit zoog ik uiteraard niet uit mijn duim, zoals Okto dacht: misschien kan Okto dit artikel ook eens lezen. De reacties op Okto onder zijn stukje waren ook leerzaam. Neem bijvoorbeeld reactie nummer 15 van iemand die zich Inkwith Barubador noemt: “Dit soort rekensommetjes zijn dus onzin, he. De vluchtelingen die binnenkomen (…) kost[en] geld, maar het levert ook werk op. Want de bakker die het brood levert [aan de vluchtelingen], gebruikt die euro om weer spullen / diensten voor zijn zaak of voor zichzelf te kopen.” Dat is de Keynesiaanse duiding van het vluchtelingenprobleem: de vluchtelingen leiden tot extra overheidsbestedingen die de economie stimuleren. Inderdaad, het zou goed geweest zijn als de overheid de afgelopen vijf jaar wat meer Keynesiaans beleid had gevoerd. Dan kun je het zelfrijzend-bakmeelproces krijgen: de werkloosheid lost vanzelf op als de overheid de vraag stimuleert. Probleempje: de vluchtelingencrisis is geen vraagprobleem, het is een aanbodprobleem. De werkloosheid die volgt uit de vluchtelingencrisis ontstaat door overaanbod aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Dat kan alleen voorkomen worden door het minimumloon te laten dalen. Dat minimumloon is echter al erg laag. Dus, om Amerikaanse toestanden te vermijden (waar je van een minimumloon niet kan leven) moet je werkloosheid op de koop toe nemen als je vluchtelingen toelaat. Kom op Inkwith, volg eens een goede cursus economie. 

17 december 2015

Pieter Duisenberg(VVD) & Mohammed Mohandis (PvdA): maken onderwijskundige nachtmerries waar, II

Zoals we zagen, weten docenten aan universiteiten nooit van te voren hoe veel studenten aan hun vak mee gaan doen. Dat aantal kan bij wijze van spreken variëren van 5 tot 500. Terwijl de collegeperiode loopt kan het aantal deelnemers aan een vak nog op en neer gaan. Studenten, die aan het vak begonnen waren, haken alsnog af; andere studenten die nog niet meededen, komen er halverwege achter dit eigenlijk toch wel hun vak is. In feite weet je als docent pas zeker dat een student heeft meegedaan aan jouw vak als hij/zij het tentamen gehaald heeft. Dat kan in extreme gevallen pas twee jaar zijn nadat je het vak gedoceerd hebt. Maar je moet als docent natuurlijk een beetje flexibel zijn: studenten moeten de kans krijgen hun dromen na te jagen. Dat vinden Duisenberg en Mohandis ook en daarom stellen zij voor studenten per cursus te laten betalen. Helaas, een ramp voor de instelling en voor de student. Om volstrekte chaos in de financiering te voorkomen (zie bovenstaande), zullen studenten van te voren moeten afrekenen. Dat wil zeggen, studenten moeten aan het begin van iedere collegeperiode een lijstje inleveren met de vakken die ze willen gaan volgen. Die lijstjes moeten uiteraard gecontroleerd worden, waarna de student kan afrekenen. Administratief wordt dit een nachtmerrie zoals iedereen die wel eens in een onderwijsinstelling heeft rondgelopen begrijpt. Maar voor de student wordt het ook een nachtmerrie. Cursussen in- of uitlopen, zoals in het huidige stelsel volop kan (zie boven) wordt in feite onmogelijk. Dus, de flexibiliteit en keuzevrijheid die een student nu heeft, zal als het aan Duisenberg en Mohandis ligt de nek worden omgedraaid. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de ambitieuze student die gestraft wordt voor de ambitie meer te willen doen dan andere studenten.

Sargasso (Okto??): “waar zijn de cijfers over werkloosheid door vluchtelingen?” II

Wij beweren dat economische voorspellingen, zoals die van het CPB in Nederland, alleen waarde hebben in rustige tijden als er geen onverwachte, dramatische gebeurtenissen plaats vinden. Helaas, in rustige perioden zijn die voorspellingen het minst nodig. We willen voorspellingen in onzekere tijden, maar dan weten we (per definitie) het minste. De dramatisch hoge werkloosheid na de oliecrisis (jaren 70) was niet verwacht, net zo min als het feit dat de financiële crisis vanuit de VS de oceaan over kwam waaien. De economie is nu eenmaal geen exacte wetenschap en cijfers over de lange-termijn ontwikkeling, die het CPB zo nu en dan ook geeft, beschrijven ontwikkelingen die zich nooit voor zullen doen. Achteraf weten wij (wij economen) alles, maar helaas vooraf weten we heel weinig. De huidige vluchtelingencrisis dreigt ook weer een crisis te worden waarvan de gevolgen niet te voorspellen zijn. Het vreemde is dat sommige ‘serieuze’ mensen juist dan cijfers willen zien. Okto, bijvoorbeeld, wil een ‘kwantitatieve analyse’ van het vluchtelingenvraagstuk. Helaas levert dat alleen maar schijnzekerheid op. Bestuurders, die burgers gerust willen stellen, krijgen dan de neiging een goed-nieuwsshow van de crisis maken, zoals De Nederlandsche Bank (DNB) dat gedaan heeft. DNB ziet alleen maar positieve economische effecten van de aanhoudende vluchtelingenstroom. Ik vrees dat het wensdenken is. Migratie, en zeker massamigratie, is nooit zonder negatieve gevolgen: er zijn winnaars en verliezers. De verliezers zijn de ‘autochtonen’ waarmee de immigranten gaan concurreren, en helaas zijn dat ‘onze eigen’ lager betaalden. Ik zuig dat niet uit mijn duim, of roeptoeter dat. Er is uitgebreid onderzoek die dat bevestigt. Bestuurders en politici zwijgen liever over het negatieve effect van migratie, want het zou de instroom van vluchtelingen nog minder populair maken onder grote delen van de bevolking. Maar struisvogelgedrag betekent niet dat de problemen er niet zijn. 

16 december 2015

Pieter Duisenberg(VVD) & Mohammed Mohandis (PvdA): maken onderwijskundige nachtmerries waar, I

In mijn lange leven als docent heb ik vaak keuzevakken verzorgd, waarbij de studenten zelf, maar onder mijn begeleiding, het meeste werk moesten doen. In groepjes van 2, 3 of 4 bestudeerden ze wetenschappelijke artikelen die ze vervolgens aan hun medestudenten moesten uitleggen. Die medestudenten konden dan de interpretatie van hun collega’s ter discussie stellen, vragen stellen over de artikelen of proberen een link met de ‘werkelijkheid’ te leggen. Heel leuk onderwijs, omdat je als docent van nabij zag of en hoe studenten in staat waren economische verbanden te leggen die in die (moeilijke) artikelen aanwezig waren. Het is een cliché, maar inderdaad, sommige studenten zag je tijdens zo’n cursus ‘groeien’. De meeste studenten vonden deze vorm van onderwijs overigens ook leuk. Probleempje voor de docent: als het vak een keuzevak was, wist je nooit van te voren hoe veel studenten mee zouden doen. Het konden er 25 zijn (een mooi aantal voor een interactieve cursus), maar ook 50, of meer (te veel voor een interactieve aanpak). Ander probleem, als je eenmaal begonnen was, de cursus draaide al een paar weken en de groepen waren ingedeeld, kwamen sommige studenten er achter dat dit toch niet hun soort onderwijs was. Ze stopten tussentijds met de cursus. Omgekeerd kon het ook gebeuren dat, terwijl de cursus op stoom lag, nieuwe studenten alsnog op de rijdende cursustrein wilden springen. Ik als docent was dan ook voortdurend bezig groepsindelingen aan te passen en het rooster voor presentaties door studenten te wijzigen. Geen ramp, want daar krijg je in de loop der tijd een zekere handigheid in. Enfin, wat heeft dit te maken met het voorstel van (onder anderen) Duisenberg en Mohandis om studenten per cursus te laten betalen? Heel veel, zoals we zullen zien.

14 december 2015

Sargasso (Okto??): “waar zijn de cijfers over werkloosheid door vluchtelingen?” I

Ons eigen CPB komt geregeld met cijfers over de staat van onze economie, bijvoorbeeld de werkloosheid. De meest recente schatting van de werkloosheid voor volgend jaar bedraagt 6,9% van de beroepsbevolking. Dat zijn ruim 600.000 mensen die willen werken, maar geen baan hebben. Het CPB bepaalt die cijfers door ontwikkelingen in het recente verleden door te trekken. Voor de korte termijn levert dat meestal redelijk betrouwbare berekeningen op, maar als er iets onverwachts gebeurt, bijvoorbeeld een oliecrisis zoals in de jaren 70 of een financiële crisis zoals in het vorige decennium, dan zijn dergelijke voorspellingen al gauw rijp voor de prullenbak. De vluchtelingencrisis heeft een grote kans net zo’n crisis als de oliecrisis te worden: als de vluchtelingenstroom aanhoudt, komen er binnen korte tijd vele nieuwe mensen op de arbeidsmarkt bij. Wat gebeurt er als het aanbod (van arbeid) toeneemt, terwijl de vraag (naar arbeid) nagenoeg gelijk blijft? Het is een redelijk goed onderbouwde economische wet dat dan de prijs van dat goed (dat is dus het loon) moet dalen om de vraag (naar arbeid) te laten toenemen. Als dat niet kan (bijvoorbeeld omdat het loon al erg laag is), dan ontstaat er een overschot aan arbeid, oftewel werkloosheid. Kortom, een aanhoudende vluchtelingenstroom leidt dan tot massawerkloosheid. Zoiets schreef ik vandaag in De Volkskrant, maar een zekere Okto gelooft het niet. Hij wil een ‘kwantitatieve analyse’, bijvoorbeeld hoeveel vluchtelingen er naar verwachting het land binnen zullen komen. Misschien dat Okto het weet, maar ik weet het niet en ook Diederik Samson weet het niet en hij wil ook geen maximum noemen aan het aantal vluchtelingen dat kan worden toegelaten. Kortom, alles is mogelijk: als de grenzen wagenwijd open zijn, zijn zelfs aantallen van meer dan 500.000 vluchtelingen niet denkbeeldig. (wordt vervolgd) 

10 december 2015

Beatrice de Graaf (terrorprof): “nuances zoek” (slot)

In afwachting van de volgende terreuraanslag, waarin zij het volk weer gaat uitleggen waarom de terreurbestrijding in Nederland zo goed geregeld is (als die aanslag niet in Nederland is, natuurlijk), voor het laatst nog even over de terrorprof. In de krant (alleen voor abonnees) zei ze dat ze er in de media eigenlijk voor wilde waarschuwen dat er bezuinigd wordt op terreurbestrijding. Ze deed dus twee beweringen die gecheckt moet worden: 1. dat de terreurbestrijding zo goed is, 2. dat er op bezuinigd wordt. Radicale jongeren worden in Nederlandse steden door de politie of door het welzijnswerk in de gaten gehouden. Die twee partijen (zo is mijn indruk, geen hard feit) proberen die hete terroristenaardappel het liefste naar het bordje van de ander te schuiven. Ik heb het welzijnswerk wel eens horen klagen dat ze politiewerk moet doen (in de haarvaten van de samenleving zitten, noemt Beatrice de Graaf dat, namelijk radicale jongeren monitoren,), terwijl ze verder geen bevoegdheid heeft iets te doen als er problemen optreden. Dat er op het welzijnswerk bezuinigd wordt of is, ik zou het moeten nagaan. Onmogelijk is het niet, want gemeenten moeten van het rijk steeds meer dingen doen voor niet veel meer geld. Dat geldt voor thuiszorg, jongerenzorg, ouderenwerk, enz.. Als je meer moet doen, maar er niet genoeg geld voor krijgt, wat moet je dan doen? Bezuinigen. Gemeenten bezuinigen op van alles en nog wat: op sport, cultuur, zorg, welzijnswerk. Wat suggereert Beatrice de Graaf met haar ‘nuancering’ over de bezuinigingen op de terrorismebestrijding? Nou dit: dat het goed is te bezuinigen op van alles en nog wat, maar niet op het welzijnswerk. Het is beter als de ouderen minder verzorgd worden dan academici te ontslaan die 'lijstjes afvinken' (Janny Groen). Dat is geen nuance van de terrorprof. Dat is politiek.

07 december 2015

Piet Hein Donner (CDA): verzetsheld?

Professor Rudolf  Cleveringa (1894-1980) was bij het begin van de bezetting in 1940 hoogleraar recht aan de universiteit van Leiden, toen zijn Joodse collega Eduard Meijers door de Nazi’s werd ontslagen. Op 26 november 1940 hield hij een rede, waarin hij protesteerde tegen dit ontslag. Cleveringa werd daarop door de Duitsers opgepakt en opgesloten. Na de oorlog werd hij internationaal geëerd voor zijn verzetswerk. Een moedig man dus, die zijn baan en zijn leven op het spel zette door onrecht te bestrijden. Om hem te eren heeft de Universiteit Leiden de Cleveringa-leerstoel ingesteld en wordt op 26 november de Cleveringa-oratie uitgesproken. Zou Piet-Hein Donner ook zo’n ‘verzetsrede’ kunnen houden? Wellicht. In 2009 zei Piet Hein Donner in een toespraak dat het ”verontrustend is dat met een beroep op joods-christelijke waarden wordt opgeroepen tot uitsluiting van anderen”. Donner noemde Geert Wilders niet, maar de media interpreteerden deze uitspraak als een aanval op Wilders. Een jaar later was Piet Hein toch bereid zitting te nemen in een VVD-CDA kabinet dat door Wilders ondersteund (‘gedoogd’) werd in ruil voor een harder immigratiebeleid. “Uitsluiting van anderen” zou Donner het een jaar eerder genoemd hebben, maar in 2010 niet meer, want hij moest in de regering. Er moest namelijk ook snel een nieuwe vicevoorzitter van de Raad van State komen. Donner wist uiteraard dat als hij het gedoogkabinet zou tegenwerken, hij die benoeming wel kon vergeten (Bewijs: Hirsch-Ballin die minstens zo gekwalificeerd was als Donner, maar de gedoogconstructie verwierp, kreeg de functie niet). De steun voor een kabinet met Wilders als gedoger was dus een opportunistische actie die erop gericht leek een mooie functie te krijgen. Die actie zou niet in de geest van Cleveringa zijn geweest, maar Donner mocht van Leidse bestuurders toch op de Cleveringa-leerstoel plaats nemen.

05 december 2015

Beatrice de Graaf (terrorprof): “nuances zoek, II”

Nederlandse journalisten blijken laaiend enthousiast te zijn over het optreden van terrorismedeskundige en hoogleraar Beatrice de Graaf in de media na de terroristische aanslagen in Parijs. Dat blijkt uit dit stuk over haar in De Volkskrant (alleen voor abonnees). Ze weet alles, volgens een journalist van de NRC en vooral weet ze dat we in Nederland potentiële terroristen goed in de peiling hebben met onze wijkagenten en welzijnswerkers. Volgens een journalist van De Volkskrant stelt ze Nederland daarmee gerust. Deze journalist prijst de hoogleraar om haar vermogen de hysterie uit het terrorismedebat te halen. Bij dergelijke loftuitingen vraag je je af of deze en andere journalisten de beweringen van De Graaf over de bestrijding van radicalisering in Nederland, eigenlijk wel checken. Kennelijk niet, maar Janny Groen, ook van De Volkskrant deed dat wel en was heel wat minder enthousiast. Een quote uit haar stuk: “Te vaak worden academici ingeschakeld die 'lijstjes afvinken' en uitgaan van een 'papieren werkelijkheid'. Allerlei bureautjes verdienen dik geld aan de problematiek.” Laat dat nu ook mijn indruk zijn. Over hoe wij ‘het doen’, kun je eigenlijk nauwelijks oordelen, zie mijn vorige stuk over de terrorprof. Waarom kan Beatrice de Graaf dat dan wel? In het jubelstuk in De Volkskrant wordt ook haar eigen mening gevraagd. Dit zegt ze: “Het klopt dat [de Nederlandse aanpak] helpt bij preventie van radicalisering (…). Als ik hierover sprak, deed ik dat alleen niet met het doel mensen gerust te stellen. Mede, maar niet alleen, dankzij deze methode is een aantal aanslagen verijdeld, maar er is door de jaren heen ook op bezuinigd. In een snelle talkshow schiet deze nuancering er soms een beetje bij in.” Nuancering?? We komen er nog maar een keer op terug.

02 december 2015

Sunny Bergman (wit): zwart als roet III

Sunny Bergman lijkt ieder jaar rond Sinterklaas weer even beroemd te worden. Zij is bekend van de documentaire Zwart als roet over racisme achter de figuur van Zwarte Piet. In die documentaire laat ze Zwarte Pieten ergens in een park in Londen rond lopen. Het paraderen van die black faces leidde tot verontwaardiging onder Engelsen. Bergman wilde daarmee aantonen, zo lijkt het, dat het voorstellen van donkere mensen als Zwarte Piet een racistisch beeld is dat de Engelsen wel, maar de (blanke) Nederlanders niet doorhebben. Ik vond dat een misleidende truc. Je zou een zelfde soort effect kunnen bereiken door vrouwen, slechts gekleed in bikini, op de openbare weg in Saoedie-Arabië te laten paraderen. Reken maar dat zo iets tot verontwaardiging ter plaatse zou leiden, maar je hebt er evident niet mee bewezen dat het immoreel is in een bikini rond te lopen. De Engelsen hebben geen traditie met het Sinterklaasfeest en kijken dus heel anders naar Zwarte Piet dan wij dat doen. Sunny Bergman is door een Engelse moeder opgevoed en kijkt dus zelf, naar ik aanneem, ook meer als een Engelsman dan als een Nederlander naar het Sinterklaasfeest. Zij was dus niet bepaald de meest geschikte persoon om deze documentaire te maken. Dat zegt ze nu zelf ook deze week in een interview. Ze herhaalt wat ze vorig jaar rond deze tijd ook al zei, namelijk dat de Zwarte-Pietendiscussie racistische gevoelens aan de oppervlakte hebben gebracht. Dat kan niet ontkend worden. Uit de verhalen die zo nu en dan los komen, blijkt dat blanke Nederlanders (waaronder soms zelfs leraren) de figuur van Zwarte Piet misbruiken om donkere kinderen in een hoek te zetten. Ik blijf echter denken dat dergelijke verachtelijke vormen van racisme niet verdwijnen als je het Sinterklaasfeest afschaft. 

01 december 2015

Beatrice de Graaf (terrorprof): “nuances zoek, I”

Wij waren kritisch op terrorismedeskundige en hoogleraar Beatrice de Graaf. Zij dook na de bloedige aanslagen in Parijs overal op in de media, vooral om te vertellen dat we niet bang hoeven te zijn voor Syrische vluchtelingen en voor de naar Nederland teruggekeerde polderjihadisten die in Syrië met de IS hebben gevochten, want wij hebben dat in Nederland allemaal goed geregeld. Wij vroegen ons echter af hoe prof. De Graaf dat zo zeker wist. In Nederland wordt het in de gaten houden van probleemjongeren veelal uitbesteed aan lokale welzijnsorganisaties die miljoenen subsidies ontvangen. Wat die organisaties doen is moeilijk te achterhalen. Die organisaties zijn er ook niet altijd happig op om verantwoording aan de lokale politiek af te leggen. Als je geluk hebt, vertellen de welzijnsclubs hoeveel jongerenwerkers er ingezet zijn, bijvoorbeeld, om overlast gevende jongeren in de gaten te houden. Wat die jongerenwerkers doen, wordt soms ook nog eens weergegeven, maar niet altijd zo dat je er wijs uit kunt worden. Dan staat er bijvoorbeeld: we gaan ingrijpen, corrigeren, signaleren, informeren en adviseren, enzovoorts, enzovoorts. Stellen dergelijke verslagen mij gerust dat het wel goed zit met het in de gaten houden van potentiële terroristen in de grote Nederlandse steden? Absoluut niet. Mijn eigen ervaring op dit terrein (maar ik ben natuurlijk geen terrorprof als Beatrice de Graaf) is dat het voor lokale politici vaak onmogelijk is iets te weten te komen over het effect van het welzijnswerk. Laat staan dat burgers er achter kunnen komen. Hoe kan Beatrice de Graaf daar dan wel achter komen? Dat wordt ook niet duidelijk uit een jubelstuk over haar in De Volkskrant (alleen voor abonnees). Wordt vervolgd. 

25 november 2015

Ismo (rapper): “Ik geef flikkers geen hand” (en dus 1500 euro boete)

Ismo is de nom de chanson van de Brabantse rapper Ismael HoullichHij heeft een swingend rapnummer geschreven waarvan de tekst tot justitiële opwinding heeft geleid. Het openbaar ministerie eist 1500 euro boete wegens het beledigen van homoseksuelen en joden. Wat? Waarom bemoeien gerechtelijke autoriteiten zich met de inhoud van een liedje? En waarom mag Ismo geen kritiek hebben op homoseksuelen en joden, zoals Geert Wilders kritiek heeft en mag hebben op moslims en op de islam? En, mogen we nog even de tekst van schrijver W.F. Hermans over het katholieke bevolkingsdeel in herinnering roepen: “De katholieken! Dat is het meest schunnige, belazerde, onderkruiperige, besodemieterde deel van ons volk! Maar die naaien er op los! Die planten zich voort! Als konijnen, ratten, vlooien, luizen. (…)!” Het staat in zijn roman Ik heb altijd gelijk uit 1951. Inderdaad, hij werd voor het gerecht gedaagd op grond van artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht waarin het zich opzettelijk in beledigende vorm uitlaten over een bevolkingsgroep strafbaar wordt gesteld. Hermans werd vrijgesproken, omdat het immers niet zijn woorden waren, maar die van de hoofdpersoon in zijn roman. Wat is het verschil met Isom? Er is geen verschil: zijn liedje is net zo goed een culturele uiting als de roman van Hermans dat was. Liedjes gaan, net zo min als romans, over de persoon die ze zingt. Liederen beschrijven fictieve gebeurtenissen die aan de werkelijkheid ontleend kunnen zijn, maar die gebeurtenissen en/of meningen hoeven in ieder geval niet met de zanger geïdentificeerd te worden. Als wij het Wilhelmus zingen, transformeren wij ons toch ook niet tot Willem van Oranje? Kortom, kan het openbaar ministerie zich niet eens met echte zaken bezig houden?

20 november 2015

Beatrice de Graaf: “wees niet bang voor vluchtelingen en polderjihadisten” II

Terrorismedeskundige en hoogleraar Beatrice de Graaf beweerde na de bloedige aanslagen in Parijs dat we niet bang hoeven te zijn voor Syrische vluchtelingen en ook al niet voor de naar Nederland teruggekeerde jihadisten die in Syrië met de IS hebben gevochten. Hoe weet ze dat over de polderjihadisten? Ze zegt in het televisieprogramma Pauw van 14 november jl: “Burgemeesters van de grote gemeenten, samen met het kabinet, hebben stelselmatig aan ‘community policing’ gedaan. Dat wil zeggen, er zijn op wijkniveau kennisknooppunten opgebouwd (…) we weten waar de salafisten zitten (…) we gaan naar de haarvaten van de samenleving. Daardoor zijn er al veel aanslagen verijdeld.” Die ‘haarvaten’ kwamen bij haar mediaoptredens nog een paar keer terug. Het is duidelijk dat de autoriteiten zeer tevreden zijn met de uitleg van prof. De Graaf. Burgemeester Van der Laan van Amsterdam zat bij Pauw enthousiast te knikken en ook de aanwezige en altijd zeer tevreden met zichzelf ogende minister BuZa Koenders knikte instemmend. Maar ik ben niet overtuigd. Heeft prof. De Graaf onderzoek gedaan naar de aanpak van polderjihadisten, of heeft ze het allemaal van horen zeggen? Ik vrees het laatste. Zo ook Janny Groen die gisteren een mooi stuk in De Volkskrant schreef over teruggekeerde polderjihadisten. Lees het (als u abonnee bent) en huiver. Zo schrijft zij: “Te vaak worden academici ingeschakeld die 'lijstjes afvinken' en uitgaan van een 'papieren werkelijkheid'. Allerlei bureautjes verdienen dik geld aan de problematiek.” Inderdaad, toevallig heb ik ook enige ervaring met een iets minder grote stad. Daar wordt veel van dit soort werk (“in de haarvaten van de samenleving gaan zitten”) uitbesteed aan welzijnsorganisaties die miljoenen subsidies ontvangen. Wat die organisaties doen is moeilijk te achterhalen: je mag al blij zijn als er lijstjes worden afgevinkt. Wat is er bekend over het resultaat? 0,0!

19 november 2015

Beatrice de Graaf: “wees niet bang voor vluchtelingen en polderjihadisten” I

Prof. Beatrice de Graaf is terrorismedeskundige en, na de bloedige aanslagen in Parijs, mag ze nu in ieder programma opdraven om haar deskundigheid te laten blijken. Heel goed, maar ik let er natuurlijk wel op of ze niet iets vreselijk doms of triviaals te berde brengt. Op dat laatste hebben we haar al eens betrapt. Ze kan natuurlijk ook een volstrekt verkeerde voorspelling doen. Daar kan ze dan later nog wel eens last van krijgen. Ik vrees, om eerlijk te zijn, dat ze aardig de kant van de verkeerde voorspellingen op aan het gaan is. Ze heeft twee stellingen. De eerste is dat we niet bang hoeven te zijn voor de Syrische vluchtelingen die nu massaal de EU binnen stromen. Daarbij praat ze wel enigszins de bestuurders en politici na die dat ook allemaal zeggen (behalve dan uiteraard Geert Wilders) en ook reden hebben om dat te zeggen: anders zou hun machteloosheid tegen de wassende stroom vluchtelingen te veel opvallen. Het argument is steeds hetzelfde: deze mensen ontvluchten de terreur en dus kunnen ze geen terroristen zijn. Zelfs als dat waar zou zijn, zijn de vluchtelingen merendeels moslims die, als bekend, niet al te tolerant zijn tegen de opvattingen van anderen. En de huidige jihadisten in Nederland, Frankrijk, België en waar maar ook, zijn tweede of derde generatie afstammelingen van immigranten die, al dan niet als asielzoekers, ook op zoek waren naar vrijheid en welvaart. Tweede of derde generatie? O, dan duurt het nog wel een jaar of twintig voor we kunnen vaststellen of de huidige vluchtelingen het zaad van terreur met zich mee hebben gedragen. Dus op deze voorspelling kan ze voorlopig niet worden afgerekend. En haar tweede stelling over de polderjihadisten?  Komen we op terug.

17 november 2015

Jozias van Aartsen (VVD): “Emiel Roemer en Geert Wilders weg en no more Paris”

Wij maakten ons weer eens kwaad om burgemeester Jozias van Aartsen en wij waren natuurlijk niet de enigen. Hij had beweerd dat we ons moesten afzetten tegen Geert Wilders en tegen salafisten. Daarmee bedoelde Van Aartsen niet dat hij Geert Wilders gelijk stelde aan terroristen, aldus Het Stadhuis. Zeker niet, lees maar, hij bedoelde alleen maar te zeggen dat we het midden moeten zoeken en Wilders zit nu eenmaal niet in het midden. Vandaar! O, maar wacht even. Zit Van Aartsen zelf wel in het midden? Kennelijk wel en is de VVD een middenpartij geworden. Voor mijn part, al geloof ik er niets van. En dan nog iets: waarom noemt hij dan Emiel Roemer niet? Die zit ook niet in het ‘radicale midden’, maar radicaal links van het midden. Hij had dus eigenlijk moeten of wellicht wel willen zeggen: “Ons afzetten tegen salafisten, ons afzetten tegen Wilders, ons afzetten tegen Roemer, en het midden zoeken.” Dan hebben we nooit meer last van extremistische terreur. Hmm. Kan deze man niet met pensioen gestuurd worden om eens rustig de dichtbundels van Yeats te lezen? Dan kan zijn woordvoerder misschien de regels juist (the centre cannot hold) en zonder spelfouten (all conviction) citeren. Van Aartsen zelf kan misschien gaan nadenken over het verschil tussen cannot hold en doesn’t hold. 

16 november 2015

Jozias van Aartsen (VVD): Geert Wilders weg en no more Paris

Daar was opeens burgemeester Jozias van Aartsen weer! In de zomer van 2014 liet hij Nederlandse ISIS-aanhangers in ‘zijn’ stad Den Haag rustig met hun vlaggen wapperen en ‘dood aan de Joden’ roepen. Zijn woordvoerder verklaarde naderhand dat er niets strafbaars was gebeurd. Nu zegt Van Aartsen dat we ons moeten verzetten tegen Geert Wilders (naast dan de salafisten die, kleinigheidje, er niet voor terugdeinzen de vrijheid van meningsuiting, het uitgaansleven, het culturele leven, enz., in het westen via moordaanslagen de nek om te draaien), want hij zet bevolkingsgroepen tegen elkaar op. Wilders staat inderdaad niet bekend als een vriend van moslims. Maar waarom mag hij geen kritiek hebben op moslims en op de islam? De islam is een intolerante religie. Dat is niet omdat de islam van nature intolerant is (hoewel de koran zeer onverdraagzaam is), maar omdat de moslims de islam zo interpreteren. De bijbel is ook onverdraagzaam, maar christenen hebben geleerd die onverdraagzaamheid met een korreltje zout te nemen. Christenen laten zich ook, in tegenstelling tot moslims, makkelijk beledigen, door cabaretiers, journalisten, schrijvers. In 1951 schreef schrijver W.F. Hermans over het bevolkingsdeel waar ik uit voortkom: “De katholieken! Dat is het meest schunnige, belazerde, onderkruiperige, besodemieterde deel van ons volk! Maar die naaien er op los! Die planten zich voort! Als konijnen, ratten, vlooien, luizen. Die emigreren niet! Die blijven wel zitten in Brabant en Limburg met puisten op hun wangen en rotte kiezen van het ouwels vreten! Wilders heeft zo iets over de moslims bij mijn weten nooit beweerd, maar toch kwamen er in de jaren 50 geen katholieke hordes uit het zuiden om moord en verderf in de hoofdstad te zaaien. Kan Van Aartsen niet weg? 

15 november 2015

Wij (de EU): wij voeren werkloosheid, intolerantie en terrorisme in en lenen aspirant-terroristen uit.

Een rationalistische visie op de werkelijkheid bestaat niet in de islamitische wereld. De overheersende houding van de islam tegenover de wereld is dat alle gebeurtenissen volledig door God worden bepaald. Vrij onderzoek en vrije nieuwsgaring zijn dan ook misdadig. Dit weerspiegelt zich in de economische situatie in de Arabische landen die (behalve in de olielanden) miserabel is. Maar ook moslims willen welvaart en als die dan niet in de islamitische wereld wordt gevonden, dan misschien elders. In Europa wonen inmiddels een kleine 40 miljoen moslims waarvan een groot deel met het anti-rationalistische virus dat in de moslimwereld heerst, is besmet. Moslims willen wel onze welvaart, maar ze willen niet de kritische geest en de tolerantie voor andere ideeën, die tot die welvaart hebben geleid, accepteren. Toch laten wij (de EU) ze toe, momenteel zelfs bij 100.000en, als vluchteling. De meesten van hen zullen de eerste 10 jaar geen plaats op de arbeidsmarkt krijgen en als dat wel het geval is, zal dat ten koste gaan van laag geschoolde EU-burgers. De werkloosheid zal toenemen. Bij moslims die geen volwaardige plek op de arbeidsmarkt weten te veroveren, krijgen intolerantie en terroristische neigingen makkelijk de overhand. Sommige kanslozen zullen eerst nog eens de jihad in het Midden-Oosten gaan beoefenen als stage. Bij terugkeer wordt ze geen haar gekrenkt. Zo kan het gebeuren dat een terug gekeerde Syriëganger (vermoedelijk) en een Syrische vluchteling die via Griekenland de EU is binnen gekomen, deel namen aan de islamitische moordpartij in Parijs, zoals de Financial Times vandaag weet te melden.

11 november 2015

100.000 hits: alles is ijdelheid

Vier jaar geleden in oktober 2011 ben ik met dit blog begonnen dat eerst slechte mensen heette, naar een boek van Maarten Biesheuvel, maar nu laat ik inmiddels ook goede mensen toe. Die laatste zijn ver in de minderheid, maar dat hangt natuurlijk van je definitie van goed en slecht af. Goede mensen zijn vaak dood, zoals de jongeren die in wanhoop zelfmoord plegen. Slechte mensen zijn we volop tegen gekomen: frauderende en ijdele wetenschappers, slapende of laffe toezichthouders en bestuurders, megalomane managers, corrupte rechters, ijdele advocaten, opportunistische politici, hypocriete bankiers, moslimfanatici, incompetente topeconomen, wolven in schaapskleren, of gewoon moordenaars. Te veel om op te noemen. De bijna 700 blogs zijn, schat ik, voor meer dan 80 percent gevuld met slechte mensen. Een week of wat geleden noteerde ik de 100.000e hit op mijn blog. Dat is dus 25.000 hits per jaar, ruim 2000 per maand, ongeveer 70 hits per dag. Is dat veel? Waarschijnlijk niet. Een van mijn collega’s meldt op zijn eigen website dat hij 100.000 hits per maand heeft. Ik kijk wel eens naar die website (zoals nu) en kom dan tot de conclusie dat die collega vooral heel erg tevreden met zichzelf is. Van mij mag hij! Je kunt alleen maar wat bereiken in deze wereld als je voldoende tevreden bent met jezelf. Dat leren we van alle slechte mensen die in mijn blog zijn opgetreden. Maar, bij mij begint er wel enige verveling op te treden. Alles is ijdelheid en het najagen van wind. Dat stond al in de bijbel. Dus waarom moet ik dat dan nog honderden keren herhalen? Enfin, ik laat dit blog lekker staan, maar zal het zeker niet meer elke dag verversen met een nieuwe ijdelheid.  

08 november 2015

Lense Koopmans (1943-2015): sterfhuisconstructie

Ergens in de jaren 90 ben ik hem een of twee keer tegen gekomen, ver na de tijd dat hij de term sterfhuisconstructie had uitgevonden, waarover in dit bericht nader wordt uitgeweid. Hij is nu zelf overleden. Hij had de uitstraling en de charme van een jonge god, met zijn stevige blonde haardos en blauwe ogen. Die haardos bleef hij tot het eind houden. Als je met hem sprak, vroeg je je af hoe hij toch zo succesvol en invloedrijk kon zijn. Hij sprak rustig. Hij leek niet iemand die voortdurend in gezelschap aan het rondkijken is wie de meest veelbelovende gesprekspartner voor hem zelf kon zijn. Netwerken ging hem kennelijk zo eenvoudig af dat je niet eens door had dat hij er mee bezig was. Hij reeg de ene na de andere functie aan elkaar en dat deed hij vanaf zeer jonge leeftijd. Op zijn 28e werd hij hoogleraar openbare financiën, terwijl hij niet eens een econoom was. Rond die zelfde tijd had hij al een leerboek op de markt, overheidsfinanciën geheten, dat ook al een groot succes was. Dat was raadselachtig, omdat het een slecht boek was: het ging misschien wel over overheidsfinanciën, maar het boek ging niet over de economie van de overheidsfinanciën. Daarvoor was het te oppervlakkig. Het was een boek van weetjes, niet van analyses. Toch zijn vele generaties studenten met dit boek groot gebracht. Het bestaat zelfs nog steeds, al is de kwaliteit van het boek wel toegenomen sinds met name Flip de Kam er als co-auteur is bijgehaald. Hoe dan ook, Koopmans veranderde (bijna) alles wat hij aanraakte in goud, zelfs als het in feite alleen maar om blik ging. Maar ook jonge goden moeten sterven. Dat is dan vorige week gebeurd.

03 november 2015

Loek Hermans (VVD, ex-Meavita): vrijwillig publiek vernederd voor een fooi

Twee jaar geleden mochten wij (en vele anderen) het al over toezichthouder Loek Hermans hebben. Hij was in 2007 toezichthouder geworden bij de grote thuiszorginstelling Meavita, maar hij stond erbij en hij keek er naar toen dit concern in 2009 failliet ging en tientallen miljoenen schuld naliet. Hij leek al direct in 2009 medeschuldig door onzorgvuldig toezicht en in 2013 kwam dat weer naar boven. Loek Hermans wilde toen niet reageren, maar wilde wachten tot “alle feiten op tafel liggen, in een door de Ondernemingskamer vastgesteld definitief rapport." Die feiten spraken 2 jaar geleden al voor zich en 6 jaar geleden ook al. Daar had hij niet op hoeven wachten. Hij had net zo goed 2 (of 6 jaar) geleden met stille trom kunnen vertrekken, maar hij ging door met zijn bijbanen en met zijn politieke spilfunctie in de Eerste Kamer. Nu is er dan een voor hem vernietigend rapport over het debacle met de Meavita-organisatie. Dat doet twee vragen opkomen. Waarom wilde hij toezichthouder worden bij een financieel gedrocht voor (naar het schijnt) 15.000 euro per jaar? Dat moet toch wel een heel karige beloning zijn voor zo’n groot afbreukrisico. Tweede vraag: waarom wachtte hij de gesel van het officieel rapport en de vernedering van een publieke val af, terwijl hij in stilte had kunnen verdwijnen, zoals Lense Koopmans dat deed na de Ogem-affaire in de jaren 80? Of, had hij echt zelf niet door hoe zeer hij gefaald heeft als toezichthouder en hoe ongeschikt hij was/is voor toezichtfuncties? 

01 november 2015

Diederik Samson (PvdA): Goed voor vluchteling, slecht voor achterban, II

Immigratie van vluchtelingen leidt tot een concurrentiestrijd met lager en middelbaar geschoolde Nederlanders, zo concludeerden wij. Hoe veel concurrentie? Dat hangt er vanaf. Hoe meer vluchtelingen, des te meer concurrentie, maar als al die vluchtelingen hoog geschoold zijn en direct op de R&D afdeling van Philips of Mars aan de slag kunnen, dan hebben laag geschoolden economisch gezien natuurlijk geen last van vluchtelingen. De ervaring leert echter dat, als toegelaten asielzoekers een plaats op de arbeidsmarkt vinden, dat meestal niet in banen is die een hogere opleiding vragen. Zelfs niet als vluchtelingen die opleiding wel hebben. Dus, vluchtelingen komen meestal aan de onderkant van de arbeidsmarkt terecht. Velen verwachten dat er geen banen meer bijkomen aan die onderkant (hoewel dat koffiedik kijken is), dat er ook geen vaste contracten meer zullen worden geboden en dat er vooral veel tijdelijke, maar misschien ook wel langdurige werkloosheid zal zijn onder laag en middelbaar geschoolden. Voor mensen met hoog gekwalificeerd werk ziet de toekomst er veel rooskleuriger uit. Als je de Nederlanders aan de onderkant van de arbeidsmarkt wil beschermen, moet je dus het aantal toegelaten vluchtelingen beperken. Een partij als de PvdA zou zich dat moeten aantrekken, want aan de onderkant van de arbeidsmarkt zitten de kiezers van de PvdA. Doet ze dit? Partijleider Diederik Samson zei in een interview in De Volkskrant: “Die hoeveelheid [vluchtelingen] kan best groot zijn. Ook een aantal van 60 duizend kunnen we in Nederland aan. Als je een grens in getallen wil vatten, vraag je erom bedrogen te worden. (…) Een macronorm biedt schijnzekerheid.” Wij wensen de PvdA geen snelle verkiezingen toe; de partij zou worden weggevaagd.

27 oktober 2015

Paul Romer (topeconoom): Much ado about nothingness

Nog even herhalen. In een column van Volkskrantjournalist Peter De Waard van 2 oktober jl, las ik “De New Yorkse hoogleraar Paul Romer, grondlegger van de nieuwe groeitheorie, heeft economen mathiness (wiskundegekte) verweten waarmee zaken worden verdoezeld in plaats van verhelderd.” Het begrip mathiness was afgeleid van het begrip truthiness dat zoiets betekent als dingen die men graag als waar wil zien zonder dat ze het zijn. Romer had met zijn mathiness een kleine wervelstorm in de economenwereld veroorzaakt. We weten nu dat het een storm in een glas water is, het gaat nergens over: het is nothingness. Zijn wetenschapsfilosofie deugt niet, want hij wil dat wetenschappers naar consensus streven en niet naar tegenstellingen. Dat is contraproductief, want juist tegenstellingen lokken extra onderzoek uit. In de economie is het bovendien vrijwel onmogelijk de ‘ware’ theorie vast te stellen. Er is geen test denkbaar die de endogene groeitheorie (de theorie die Romer groot heeft gemaakt) definitief zal bevestigen. Dan is er nog de claim van Romer dat de variabelen die academici gebruiken in werkelijkheid waargenomen moet kunnen worden. Helaas, ook al onzin, zoals we lieten zien aan de hand van het begrip kapitaal. De kapitaalgoederenvoorraad kan gemeten worden en we vinden het resultaat daarvan in de nationale rekeningen. De manier waarop kapitaal gemeten wordt is echter gebaseerd op theoretische overwegingen die niet door iedereen wordt gedeeld. Romer wil echter dat het kapitaalbegrip in de theorie gebaseerd moet zijn op waarnemingen. Maar dat is onmogelijk! De waarnemingen zijn er alleen maar (en dus niet tot ieders tevredenheid) omdat de theorie heeft aangegeven hoe ze afgeleid kunnen worden. Kortom, als economische theorie ontwikkeld had moeten worden, door uit te gaan van waarneembare data, was er nooit enige economische theorie tot stand gekomen. 

25 oktober 2015

Diederik Samson (PvdA): Goed voor vluchteling, slecht voor achterban

Waarom was de massa-immigratie in de VS eind 19e eeuw goed voor de welvaart in dat land? Omdat er veel ongebruikt land was dat bewerkt zou kunnen worden door de immigranten. Land was toen nog een belangrijk kapitaalgoed dat in overvloed aanwezig was en (land)arbeiders waren schaars. Immigranten zaten elkaar en de al aanwezige Amerikanen niet in de weg; alleen indianen hadden last van ze. En waarom sloot de VS ergens in de jaren 20 de grenzen? Omdat kapitaal (land) er niet langer in overvloed was en aangezien immigranten zelf geen kapitaal meenemen, zou er een concurrentiestrijd tussen immigranten en de gevestigde Amerikanen kunnen komen. De vluchtelingen die nu op dit moment West Europa overstromen, brengen ook geen kapitaal mee en ook geen vaardigheden waar grote behoefte aan is. Op zijn best nemen ze volop laag of middelbaar geschoolde kennis met zich mee. Daar hebben we al te veel van. Er komt dus een concurrentiestrijd tussen lager en middelbaar geschoolde Nederlanders en asielzoekers. Dat is dan als de asielzoekers zo geïntegreerd zijn dat ze zich snel op de arbeidsmarkt kunnen melden. Anders moeten ze met de inactieve Nederlanders uit de welvaartspot mee-eten. Die pot wordt niet groter. Dus, laag- of middelbaar geschoolde Nederlanders zullen de aanwezigheid van vluchtelingen voelen in de vorm van lagere uitkeringen dan wel lagere lonen. Diezelfde Nederlanders vormen traditiegetrouw de achterban van de PvdA. Sommigen denken dat de PvdA vooral partijleiders kiezen die in staat zijn een rood masker op te zetten. Type Diederik Samson: roepen dat je de zwakkeren in de samenleving wil helpen, maar ze dan in de praktijk in de steek laten. Gisteren een groot interview met Samson in De Volkskrant over vluchtelingen. Het bevestigde het beeld (wordt vervolgd). 

24 oktober 2015

Paul Romer (topeconoom): de taal van de wetenschap zit ook in data, II

Paul Romer vindt dat de symbolen die economische wetenschappers in hun wiskundige afleidingen gebruiken, moeten verwijzen naar zaken die in de praktijk ook waarneembaar zijn. Helaas, wij betoogden dat dat niet (altijd) kan. Neem als voorbeeld het begrip ‘kapitaal’ dat steevast wordt aangeduid met de letter K (dus niet C) in economische papers. Romer gaat er dus vanuit dat K verwijst naar iets dat je in de werkelijkheid kunt waarnemen. Probleempje! Wat kapitaal is, komt niet uit de werkelijkheid, maar economen (en/of filosofen) hebben het verzonnen. En zo als dat gaat met economen, ze zijn het niet met elkaar eens over wat kapitaal is. Toch schrijven ze er dikke boeken over, in onze dagen bijvoorbeeld Thomas Piketty; in de negentiende eeuw Karl Marx. Piketty doet er niet moeilijk over: kapitaal is wat we er over in de statistieken kunnen vinden. Dit uitgangspunt is hem niet door iedereen in dank afgenomen, met name niet door marxisten. Volgens Marx konden ‘kapitalisten’ dankzij het bezit van ‘kapitaal’ arbeiders uitbuiten. Wat dat ‘kapitaal’ dan precies was, deed er eigenlijk niet toe. Het was eigendom dat op een of andere manier macht opleverde. Piketty heeft het heel indirect ook over macht, maar hij baseert zich toch liever op ‘objectieve’ gegevens. Het is daarom misschien wel heel erg ironisch dat Romer ook Piketty van mathiness beschuldigt. Piketty gebruikt in zijn boek namelijk een economisch model (al staat het niet zo duidelijk in zijn beroemde bestseller) en hij formuleert zijn model zo dat hij precies er uit krijgt wat hij wil, namelijk dat het aandeel van kapitaal in het nationaal inkomen vrijwel onbeperkt kan blijven toenemen. Bam: de banvloek van Romer.

23 oktober 2015

Edin Mujagic: ziet overheden die er (nu) niet zijn

Monetair econoom Edin Mujagic slijt op diverse media zijn verhaal dat we te veel overheid hebben en dat dat allemaal de schuld van de economische wetenschap is. Wat het tweede betreft, zie mijn reactie op MJ. Wat het eerste betreft, mocht hij deze week in De Volkskrant zijn verhaal kwijt. Hij denkt dat de centrale banken op verzoek van nationale overheden de rente laag hebben gehouden. Een lage rente betekent immers lagere rentebetalingen op de overheidsschuld en, doordat het dan interessanter wordt om meer te lenen en uit te geven, ook nog eens hogere inflatie. Hogere inflatie “snoept een deel van de schuldenberg van de overheden weg.” Dus, politici kunnen maar geld over de balk blijven smijten, want “geld uitgeven vinden politici leuk, hoe meer hoe beter ook al moet je (daarvoor) geld lenen.” Curieus verhaal, vooral omdat het niet erg spoort met de feiten van nu. Er is in Nederland vrijwel geen politicus te vinden die vindt dat geld lenen door de overheid en het opbouwen van “torenhoge schulden” alleszins verantwoord is, ondanks het feit dat de rente momenteel laag is. Het tekort van de overheid in Nederland is, terwijl de crisis nog niet voorbij is, alweer bijna minder dan 2%. Er is ook nauwelijks inflatie, momenteel een half procent, terwijl in de jaren 60, toen volgens Mujagic de overheden “structureel” geen geld leenden, de inflatie makkelijk boven de 8% uitkwam. Wie naar het Nederlandse overheidsbeleid van de afgelopen jaren kijkt, ziet bovendien voornamelijk bezuinigingen. Het is een keynesiaans cliché, maar in een ouderwetse vraagcrisis zoals we die nu al een aantal jaren meemaken, moet de overheid bestedingen stimuleren en dat doet ze niet. Kortom, Mujagic ziet spoken, in dit geval overheden die er niet zijn. 

22 oktober 2015

Paul Romer (topeconoom): de taal van de wetenschap zit ook in de data

Volgens Paul Romer kan een economische theorie niet ‘goed’ zijn als (naar zijn smaak) de wiskunde niet een duidelijk verband heeft met waarneembare verschijnselen. Romer zelf geeft een voorbeeld van hoe het wel moet. Hij verwijst naar een beroemd artikel van econoom Robert Solow uit 1956 dat de start van de neoklassieke groeitheorie genoemd kan worden. In dat artikel werd voor het eerst een modelmatige beschrijving gegeven van economische groei. Solow maakte gebruik van de abstractie dat een economie goederen en diensten produceert met twee productiefactoren, namelijk arbeid en kapitaal. Wat arbeid is kunnen we ons nog enigszins voorstellen, maar wat kapitaal is, is wat moeilijker voorstelbaar. We laten Romer zelf aan het woord: “Solow beeldde kapitaal af op een variabele in zijn wiskundige vergelijkingen en op gegevens van de nationale rekeningen en objecten zoals machines en gebouwen die men direct zou kunnen waarnemen.” Romer bedoelt te zeggen dat Solow gebruik maakte van een abstracte variabele, namelijk kapitaal, maar kapitaal kun je aflezen uit de nationale rekeningen en je kunt kapitaal ook nog waarnemen. Dus dan ben je, wetenschappelijk, goed bezig, Althans, volgens Romer, maar er zitten hier heel veel adders onder het gras en ik ben zeker niet de eerste die er een paar bij de staart grijpt. Kapitaal kun je waarnemen, zegt Romer. Zeker, machines en gebouwen kun je waarnemen, maar dan weet je nog steeds niet wat kapitaal is. Kapitaal is een abstractie die op een of andere manier verband houdt met materiële zaken die bij de productie gebruikt worden. Het is een hele toer om van al die materiële zaken die in een land aanwezig zijn (bedrijfsauto’s, laptops, machines, kantoormeubilair, etc.) naar een enkele meting van kapitaal voor het hele land te gaan. Probeer maar eens een laptop, een vrachtauto (=2) en een kantoorkruk en een bureau (=2) op te tellen. Het resultaat kan best 5 zijn. (wordt vervolgd)

18 oktober 2015

Edin Mujagic (econoom): gekte over wiskundegekte

Econoom Edin Mujagic heeft ook zijn steentje bijgedragen aan het bespotten van de wiskundegekte in de economie. Hij schrijft: “Carrière maken als wetenschappelijk econoom kan alleen door veel te publiceren in wetenschappelijke tijdschriften. Papers zonder een flinke hoeveelheid wiskunde erin worden echter door de redacties zonder aarzeling afgewezen, vaak zonder de moeite te nemen die papers te lezen. Als er geen wiskunde in voorkomt, kan het toch nooit goed zijn (…), is de gedachte.” Tsja, mijn ervaringen bij redacties van wetenschappelijke redacties zijn in het verleden ook niet altijd erg positief geweest, maar ik heb nooit een paper terug gekregen met als reden dat er te weinig wiskunde in stond. Ik ken ook niemand die dat wel is overkomen. Papers worden geweigerd omdat de referees misschien vinden dat er slechte economie in staat, of slechte wiskunde of allebei. Dat je geen toptijdschriften meer inkomt zonder wiskunde is echter aantoonbaar onjuist. Het paper van Paul Romer over mathiness, waar wij het de laatste tijd zo druk mee hebben, is daar een voorbeeld van. Verder schrijft Mujagic dat Adam Smith, de grondlegger van de economische wetenschap met zijn boek Wealth of Nations (1776), nu door “redacties van wetenschappelijke tijdschriften zou worden uitgelachen en geen kans op een aanstelling op een moderne economische faculteit zou maken. Zo ver is de economische wetenschap dus gezakt (…).” Maar luister Edin, Adam Smith is al ruim 200 jaar dood en zal dus niet (delen van) zijn boek naar tijdschriften sturen en als een hedendaags epigoon dat wel zou doen, zou die inderdaad met recht uitgelachen worden. Wat in Smith stond weten we al en de epigoon zou niet uitgelachen worden omdat hij er geen wiskunde bij heeft gedaan, maar omdat hij 240 jaar oude prak als een nieuw recept wil serveren. (wordt vervolgd)

17 oktober 2015

Paul Romer (topeconoom): wetenschap is consensus, II

Paul Romer, de bedenker van de endogene-groeitheorie, wil dat wetenschap tot consensus leidt. Tegenstellingen, dat is iets voor de politiek, schrijft hij. Daar gebruikt men suggestieve of dubbelzinnige woorden om die tegenstellingen tussen partijen te overdrijven. Helaas voor Romer heeft de wetenschap altijd vol gezeten met tegenstellingen. Zo heeft Albert Einstein nooit het onzekerheidsprincipe van Werner Heisenberg omarmd en vond hij de kwantummechanica een theorie die niet een volledige beschrijving van de realiteit kon geven. Dat is dan nog in de natuurkunde, een vak waarbij men mag hopen dat experimenten vroeg of laat de juistheid of de onjuistheid van een hypothese (het Higgsdeeltje) kan aantonen. In de economie zijn dergelijke beslissende experimenten ondenkbaar. Dat geldt zeker in het oorspronkelijke vakgebied van Paul Romer, de endogene-groeitheorie. Volgens Paul Krugman probeert deze theorie wat onmeetbaar is te relateren aan iets anders wat ook al onmeetbaar is. Economen probeerden allerlei ingewikkelde testen te verzinnen, maar, zoals Keynes al zei, dergelijke testen leiden niet tot een algemene conclusie, maar hoogstens tot een conclusie die alleen maar dan en daar geldig kon zijn. Kortom, of en in welke vorm de endogene-groeitheorie waar is, is een zaak van smaak en niet van empirisch bewijs. Het is daarom vreemd dat Romer andere papers op het gebied van de groeitheorie afdoet als voorbeelden van het bedrijven van academische politiek, “waarschijnlijk omdat de desbetreffende wetenschappers het wetenschappelijke debat dreigden te verliezen”. Als een theorie logisch consistent is en intuïtief waar zou kunnen zijn, kan die theorie een plaatsje onder de academisch economische zon krijgen. Want behalve dat nooit overtuigend valt aan te tonen dat een theorie waar zou kunnen zijn, kan er ook nooit aangetoond worden dat een theorie onwaar is. Een economische theorie raakt nooit in diskrediet. Zelfs Ricardiaanse theorieën uit de vroege 19de eeuw worden zo nu en dan van stal gehaald (wordt vervolgd).