28 november 2014

Sylvester Eijffinger: over het verval van de economische wetenschap


Dankzij Jaap Abbring, hoogleraar econometrie in mijn woonplaats Tilburg, kwam ik er achter dat Sylvester Eijffinger een artikel heeft geschreven over het verval van de economische wetenschap. Uiteraard heb ik het door Abbring aangehaalde artikel van Eijffinger terstond verslonden. Verval, zo schrijft Eijffinger, begint bij het in zwang raken van “verkeerde ideeën”. Eijffinger vindt die verkeerde ideeën bij de Italiaan Vilfredo Pareto (1848-1923). Hij “was het die de politieke economie in de traditie van Adam Smith vaarwel zei en de overgang voorstond van een ruim naar een eng welvaartsbegrip.” Om de lezer niet direct te laten afhaken, leg ik even uit wat dat ‘enge’ welvaartsbegrip inhield. Niks engs aan eigenlijk, Pareto bedoelde dat als er middelen verspild worden, het nog mogelijk is de welvaart van tenminste één persoon te verhogen, namelijk door de verspilling op te heffen. Collega Eijffinger vervolgt: “Hiermee werd de intersubjectieve nutsvergelijking à la Adam Smith verlaten.” Ook even uitleggen wat Eijffinger hier bedoelt te zeggen: bij Pareto kan de welvaart alleen maar verhoogd worden als er nog verspilling is, maar het zou natuurlijk ook kunnen dat, als er geen verspilling is, het toch mogelijk is de welvaart te vergroten, bijvoorbeeld door te herverdelen van rijken naar armen. Dan moet je natuurlijk wel weten of het ‘geluksverlies’ voor de rijken kleiner is dan de ‘gelukswinst’ voor de armen. Dat is de intersubjectieve nutsvergelijking. Eijffinger suggereert dus dat die vergelijking tussen individuen uitgebannen is doordat we ons op Pareto zijn gaan baseren. Hiervan schrok ik wel even, want wij hebben het, zeker na Piketty, voortdurend over rijken en armen. Dus, ik ga even studeren in het leerboek waaruit studenten ons vakgebied tot zich nemen, om te weten hoe het met de intersubjectieve nutsvergelijking staat. U hoort van mij.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten