31 mei 2012

Meester Pieter van Vollenhoven: liever Prins Pieter

Naast Mr. P: alleen Prinsen
Het zal duidelijk zijn dat ik geen grote fan ben van de monarchie. Erfelijke troonsopvolging is een riskante praktijk, zoals, onder andere, in Syrië, Noord Korea en Marokko blijkt. In koninkrijken waar men oog heeft voor dit risico, moet de desbetreffende vorstin op de troon blijven zitten tot ze er bijna vanaf valt (Verenigd Koninkrijk). Maar voor Pieter van Vollenhoven, afgestudeerd jurist, heb ik wel een zwak. Hij mocht als lid van de Koninklijke familie heel lang geen zinvolle taken verrichten, maar werd toch door de familie niet geaccepteerd als een der hunnen. Hem werd niet eens de prinsentitel gegund. Later in zijn leven mocht hij toch nog betekenisvolle functies (voorzitter van de onderzoeksraad voor veiligheid) uitoefenen en hij bracht het zelfs nog tot hoogleraar (al weet ik natuurlijk uit ervaring en introspectie dat dat ook niet alles zegt). In de tijd dat Pieter nog niets om handen had (jaren 60/70) , noemde de Nederlandse oervader van de talkshow, Willem Duys, hem steevast ‘meester Pieter van Vollenhoven’. Die meestertitel werd hem kennelijk gegund om het gemis van de prinsentitel te compenseren. Naar nu blijkt is Mr. P. in 1966 bij de toenmalige premier op bezoek geweest om zijn recht op een prinsentitel te bepleiten, zo niet op te eisen. Mr. P. ontkent nu, natuurlijk. Het zij hem vergeven, Mr. P is geen slecht mens, alleen een beetje ‘slecht’: hij was jaloers op zijn mannelijke familieleden die zich allemaal Prins mochten noemen.

30 mei 2012

Klaas Carel Faber (90): te jong gestorven

Hij was niet een ‘slecht’ mens, maar een echt slecht mens. Wreedheden gepleegd in de oorlog tegen Joden, onderduikers en verzetsstrijders. Na de oorlog tot levenslang veroordeeld, maar in 1952 de gevangenis ontvlucht, naar Duitsland uitgeweken. Daar heeft hij tot aan zijn dood op 24 mei jl. vrij ongestoord kunnen leven.  De laatste jaren werden er weer pogingen ondernomen om hem alsnog te straffen. Helaas, Faber stierf toch nog te jong. Wrang. De enige hoop die je kunt hebben is dat de twee zonen die hij in Duitsland schijnt te hebben gekregen, hem veroordeeld hebben toen ze de jaren des onderscheids hadden bereikt.    

28 mei 2012

Ronald Plasterk (PvdA): kans gemist met ESM, deel III

Dat Europese noodfonds (het ESM) waar Ronald Plasterk zo veel belang aan hecht, is een mooi idee. Daar hebben we het hier al over gehad. Opvallend is natuurlijk wel dat in het oorspronkelijke begrotingsverdrag van de EU (Maastricht 1992) zo’n fonds niet werd genoemd. Integendeel zelfs, als landen in de problemen zouden komen met hun begroting moesten ze het vooral zelf maar uitzoeken. Hulp van andere lidstaten zou er niet komen. Waarom niet? Nou eenvoudig omdat als landen weten dat er hulp zal komen, zij misschien eerder problemen krijgen. Waarom zou je erg je best doen om je begroting op orde te houden als je weet dat er toch altijd hulp voorhanden is? Dat is dus het eerste probleem van het noodfonds: het nodigt landen als het ware uit om in de problemen te komen. Het kan aanlokkelijk zijn om een ‘probleem’ te hebben, want een probleem betekent hier dat de overheid ‘te’ veel heeft uitgegeven en/of ‘te’ weinig belasting heeft opgehaald. Wie wil er niet te weinig belasting betalen? Je zou dus de volgende stelling kunnen verdedigen. Als de eurozone van de EU vanaf het begin van de euro (2002) het noodfonds had gehad, dan zou de begroting van sommige EU-landen er nog veel slechter voor hebben gestaan dan nu al het geval is. De EU kan nu natuurlijk alsnog proberen de landen die in de problemen zijn gekomen te disciplineren, maar vreemd genoeg zei Plasterk daar niets over in het Kamerdebat. Hij vraagt aan de minister of de inspraak van het Nederlandse parlement wel voldoende geregeld is als het noodfonds onverhoopt moet worden verhoogd. Hij vraagt zich niet af of die verhoging juist onvermijdelijk is door de vormgeving van het ESM. Helaas, kans gemist, want of het Nederlandse parlement nu inspraak heeft, of niet, die verhoging komt er. Om dit en nog veel meer uit te leggen, moeten we er helaas nog wel een paar keer op terug komen. Dus tot ziens in deel IV van deze serie.

27 mei 2012

Ronald Plasterk (PvdA): kans gemist met ESM, deel II

Hoe werkt dat Europese noodfonds (het ESM) waar Ronald Plasterk, de financiële woordvoerder van de PvdA zo veel belang aan hecht? Zo veel belang zelfs dat hij letterlijk in het Kamerdebat van 22-24 mei 2012 zei:  “Het is onverantwoordelijk van politieke partijen om de indruk te wekken dat we zonder zo’n noodfonds verder kunnen.” Zo, die zit. Dat noodfonds waar we in Europa dus niet zonder kunnen werkt in principe als volgt. Het fonds leent geld op de zogeheten kapitaalmarkt. Dat is de plaats waar instituties die geld willen uitlenen (banken, pensioenfondsen, bedrijven) de instituties die geld willen lenen (ook weer banken en bedrijven, maar vooral overheden en nu dus ook het noodfonds) elkaar treffen. Het noodfonds leent geld, maar zegt er direct bij dat alle landen met de euro als munt garant staan voor die leningen. Dat zijn dus Duitsland, Nederland, Finland, …., Griekenland, Portugal,… Die laatste twee genoemde landen maken niet veel indruk op de geldverschaffers, maar die eerste drie landen wel. De overheden van die eerste drie landen gaan namelijk niet zo gauw failliet en daar kun je dus je geld wel aan uitlenen. Het gevolg is dat de rente die het noodfonds moet betalen aan de geldverschaffers niet erg hoogt hoeft te zijn, want in die rente zit ook het risico begrepen dat het fonds failliet kan gaan. Het fonds leent dus geld tegen een lage rente en leent dat weer door aan de landen met een begrotingsprobleem, zoals Griekenland en Portugal. Op die leningen hoeven Griekenland en Portugal dan ook weer niet een hoge rente te betalen en dus is de kans dat zij failliet gaan een stuk kleiner, want ze gaan failliet als ze de rente op hun schuld niet meer kunnen financieren. Prachtig idee dus, dat noodfonds. In feite is het een soort verzekeringsmaatschappij. Als een land pech heeft en begrotingsproblemen krijgt, wordt het geholpen door het noodfonds. Het noodfonds past dus in het idee van de welvaartsstaat dat pechvogels geholpen worden door degenen die het beter hebben, een idee dat ook uitdrukkelijk door de PvdA wordt beleden. Zijn er dan geen addertjes onder het gras? Ja, die zijn er, minstens drie. Ronald Plasterk noemde die addertjes in het Kamerdebat niet, of maar voor de helft, maar omdat dit blog nu al lang genoeg is, komen we daar een volgende keer maar weer eens op terug.

26 mei 2012

Ronald Plasterk (PvdA): kans gemist met ESM, deel I

Hij is de financiële woordvoerder van de PvdA. Daar is hij voor gediplomeerd, want hij heeft een propedeuse in de economie. Hij vindt de economie ook nog een simpele wetenschap. Dus, hij zal dan wel zeker weten dat een noodfonds in de EU (het zogeheten Europees Stabiliteitsmechanisme, of ESM) kan voorkomen dat een begrotingscrisis, zoals nu in Griekenland, overslaat naar andere landen. Hoe werkt dat dan, zult u willen weten, dat overslaan. Nu, dat gaat als volgt. Als een land in begrotingsproblemen komt, de schuld loopt op, dan willen degenen die de schuld financieren dat alleen nog maar doen tegen steeds hogere rentes. Daardoor loopt de schuld natuurlijk nog weer verder op, met als mogelijk dramatisch gevolg dat het land failliet gaat. Het land kan dan zelfs de rente op de schuld niet meer financieren, laat staan de schuld zelf. Helaas schuldeisers, zegt het failliete land, het geld is op. Die schuldeisers zijn vaak banken in andere landen die doordat ze hun uitgeleende geld niet terugkrijgen mogelijk ook in de problemen komen. Omdat een faillissement van banken tot een grote ontwrichting van de economie kan leiden, zullen overheden proberen hun banken overeind te houden met grote leningen, waardoor… ja juist die overheden ook een probleem met hun begroting kunnen krijgen, waardoor ook voor hen de rente stijgt en er een mogelijk faillissement dreigt, enz. enz, tot alle overheden in de EU failliet zijn. Dat gebeurt er dus zonder noodfonds, aldus Plasterk, maar met een noodfonds gebeurt dat niet. Punt uit. Als je daar anders over denkt, stel je je onverantwoordelijk op, zo liet hij in het Kamerdebat van afgelopen week blijken. Heeft hij gelijk? Er zijn mensen die er heel anders over denken. Zullen we daar binnenkort dus maar eens op terug komen?

25 mei 2012

Bert Molenkamp (Amarantis): de ex-bluffer

Bert Molenkamp was bestuursvoorzitter van Amarantis tot de zomer van 2011. Toen was de instelling dankzij zijn wanbeleid feitelijk bankroet. Hij vertrok en vond een andere (weliswaar tijdelijke) baan bij een scholengemeenschap in Tiel. "Molenkamp bluft zich gewoon een nieuwe baan in en kan er weer ongestraft een janboel van maken." Zo schreef ik eerder, maar dat valt toch mee: hij heeft zijn huidige functie als tijdelijk voorzitter college van bestuur alsnog opgegeven. Door de commotie die is ontstaan over Amarantis, kwam hij onder grote druk te staan. Te grote druk dus. Soms worden slechte mensen dus toch gestraft voor wandaden of wanbeleid. Het is wel vreemd dat Molenkamp zichzelf moest straffen en anderen dat kennelijk (nog?) niet konden.   

Wouter Koolmees (D66): verkwanseling van idealen

Hij is nog jong (35) en, naar het schijnt, een talentvol econoom. Nu is hij Kamerlid en de financiële man voor D66. Door het lente- of Kunduz-akkoord is hij volop in de publiciteit gekomen. Een bekende Nederlander en een groeibriljant voor D66. D66 was altijd voor directe democratie. De macht bij de kiezer. De oervader van D66, Hans van Mierlo, trok met dat punt volle zalen. D66 is ook erg voor Europa, maar helaas directe democratie en Europa verdragen zich niet zo goed met elkaar. De burger vertrouwt Europa niet en stemt tegen als het erop aan komt. Daarom wil D66 geen referendum over het noodfonds voor EU-landen in nood. Dat noodfonds is een onding, omdat het landen als het ware uitnodigt om in nood te komen. Want als je in nood bent, word je geholpen, ook als het je eigen schuld is (zoals in het geval van Griekenland). Maar voor D66 staat de redding van de euro voorop. Daarom moet er een signaal aan de financiële markten gegeven worden dat Europa ook de ‘bad guys’ uit Griekenland wil helpen. Ter wille van de euro. Dat noodfonds trekt de euro niet uit het moeras, is mijn voorspelling. Eigenlijk is het niet eens een voorspelling, want Spanje staat nu aan de rand van de afgrond en Spanje kan niet geholpen worden door dit fonds. Daarvoor is het fonds te klein. Het noodfonds is dus al een dood paard, waarvoor Wouter Koolmees, uit naam van D66, de oude idealen van de dode oervader verkwanselt.

24 mei 2012

Vadertje Drees: revisited

Drees als beschermer van de oudjes
Willem Drees senior (er was ook een junior die zelfs een soort collega van mij was) staat in de geschiedenisboekjes bekend als de man die Nederland na de tweede wereldoorlog als premier weer hielp opbouwen. Hij was ook de man die er voor zorgde dat de arme oudjes toch van een welverdiende oude dag konden genieten. De regering Drees had echter ook een veel minder menselijke kant. Zij liet eind jaren 40/ begin jaren 50 toe dat er door Nederlandse militairen in Indonesië oorlogsmisdaden werden begaan. Een Nederlands onderzoeksrapport  over deze kwestie concludeerde in 1954 dat de regering deze zaken beter kon laten rusten, omdat die ook de burgerlijke autoriteiten zouden treffen. Met andere woorden, Drees zelf als de uiteindelijke eindverantwoordelijke zou dan in de rol van oorlogsmisdadiger terecht kunnen komen. Deze geschiedenis werd bewust in de doofpot gestopt. Maar nu komt alsnog van alles uit die doofpot. Op Celebes (nu Sulawesi) werden eind 1946 minstens 3.000 mensen, voornamelijk mannen en jongens, standrechtelijk gedood door Nederlandse militairen. Dus zonder vorm van proces. Nabestaanden van slachtoffers vragen nu alsnog compensatie van de Nederlandse regering. Dat moeten ze krijgen. Maar vooral moet ook het beeld van Willem Drees als een sociaal, sober en vaderlijk persoon worden bijgesteld.

21 mei 2012

Economen: over de euro

Griekenland moet in, uit de euro
De lezers van dit blog weten al dat ik geen hoge pet op heb van de economie. De economie heeft meer pretenties dan ze kan waar maken. Maar misschien moet ik zeggen dat economen te veel pretenties hebben. Neem de Europese schuldencrisis. De meeste economen vonden dat een oplossing alleen gevonden kon worden als de eurozone intact zou blijven. Nog in het najaar van 2011 beweerden zij dat het opbreken van de euro ons ver (sommigen hadden het over 50 jaar) in welvaart zou terugwerpen. Dat waren economen die min of meer de officiële doctrine steunden. Nu (mei 2012) lijkt deze oplossing definitief te stranden doordat de bevolking van landen, zoals Griekenland, geen boodschap heeft aan de Europese afspraken over sanering van de overheidsbegroting; en zij laten dat merken in hun stemgedrag. Europese politici beginnen daarom openlijk te speculeren over het opbreken van de euro. Wat zeggen nu dezelfde economen die het opbreken van de euro nog geen half jaar geleden als een ramp schetsten? Inderdaad, zij zeggen dat het opbreken van de euro onvermijdelijk is en dat de kosten ervan te overzien zijn.

Bert Molenkamp (Amarantis): de bluffer

Wij vroegen ons eerder af waarom er zo vaak slechte mensen aan de top van overheidsinstellingen worden benoemd. Daar is een eenvoudig antwoord op: omdat die instellingen te groot zijn en daarom de verkeerde mensen aantrekken, namelijk mensen die ‘iets groots’ willen leiden met een ‘groots’ salaris, ongeacht wat er nu precies geleid moet worden. Je zou misschien verwachten dat degenen die zo’n topfunctionaris moeten benoemen door hebben dat zulke mensen lege fluitketels zijn, maar er blijkt helaas weinig mensenkennis te zijn bij de overheid. Met een grote mond en arrogante bluf kun je daar een eind komen. Onderwijsinstelling Amarantis was zeker groot met 33.000 leerlingen en 3.000 leraren. Bert Molenkamp was daar bestuursvoorzitter tot de zomer van 2011. Toen was de instelling dankzij zijn wanbeleid feitelijk bankroet. Te dure huisvesting, slechte en riskante investeringen in grond en gebouwen, te weinig geld voor het onderwijsproces zelf, het droeg allemaal bij aan de teloorgang van Amarantis. Molenkamp vertrok toen dat allemaal nog geen publieke kennis was. Hij kreeg een mooie handdruk mee (2 ton) van zijn Raad van Toezicht en vond een andere (weliswaar tijdelijke) baan bij een scholengemeenschap in Tiel. Je zou misschien verwachten dat ze daar in Tiel even zouden nagaan wat Molenkamp bij Amarantis had uitgespookt. Kennelijk niet. Molenkamp bluft zich gewoon een nieuwe baan in en kan er weer ongestraft een janboel van maken.

16 mei 2012

René s'Jacob (Amarantis): burgemeester in oorlogstijd

Was s'Jacob moedig?
Hoe komt het toch dat bij overheidsinstellingen zo vaak de verkeerde mensen in hoge functies worden benoemd? Mensen vaak met hoogmoedswaan die denken dat de instelling die ze leiden hun eigen speeltuintje is. Een speeltuintje waar ze naar hartelust zelf in kunnen ravotten en waarvoor de kindertjes maar even opzij moeten. En die na hun speelkwartiertje een volkomen onbruikbare speeltuin achter laten. De kindertjes moeten het verder maar uitzoeken. Dat is de indruk die je ook krijgt van het bestuur van de onderwijsgigant Amarantis, vooral na de Zembla-uitzending van 11 mei. De bestuursvoorzitter wilde iets groots leiden en dus werd kwantiteit belangrijker dan kwaliteit. Behalve dan van het bestuursgebouw waar het bestuur zetelde, dat was ongetwijfeld van hoog niveau, maar dat was dan ook op de Zuidas. Alsof het een zakenbank was. René s'Jacob was de financiële man van het bestuur. Voordat het wanbeleid openbaar was geworden, schreef hij brandbrieven over het dreigende bankroet van de instelling: naar de raad van toezicht, naar de bestuursvoorzitter zelf. Het hielp niet. Maar wacht eens even. Hoe kan het dat hij er dan nog steeds zit? Had hij niet met een grootse open brief naar de minister van onderwijs moeten uitleggen dat hij niet langer verantwoordelijk kon zijn voor het wanbeleid van zijn voorzitter? Het had misschien evenmin geholpen, maar dan had hij zijn handen in onschuld kunnen wassen. Nu was hij de burgemeester in oorlogstijd die er het beste van probeert te maken, maar een groot succes was dat niet. Zoals we nu weten.

15 mei 2012

Jan Kees de Jager: leugentje?

Financiële whizkid
Zo’n 15 jaar geleden was ik een tijdje actief in de politiek (CDA); ik zat toendertijd in een commissie waar ook de huidige minister van financiën Jan Kees de Jager deel van uitmaakte. Hij hield net als ik van simpele financiële rekensommetjes. Hij was in het bonte gezelschap van die commissie (waaronder Balkenende, Van Geel, Lodders, Donner, Peetoom, de Vries) een van de weinigen waar ik echt goed mee kon opschieten. Bij hem geen opportunistisch gedrag, geen dubbele agenda’s; hij zei gewoon wat hij vond en zonder onnodige omhaal van woorden. Het is geen wonder dat hij een van de populairste politici is: Jan Kees zou je joviale buurman kunnen zijn. Maar nu lees ik het volgende op de site van zijn ministerie: “De wereldwijde financiële en economische crisis van 2008 en 2009 heeft Nederland hard geraakt. Het overschot op de begroting is omgeslagen naar een sterk oplopend tekort. Nederland geeft jaarlijks meer geld uit dan er binnenkomt. Geen enkel land kan dat blijven volhouden.” Dat een land geen tekort zou kunnen hebben is echt een leugen(tje). De Nederlandse overheid bijvoorbeeld heeft bijna altijd een tekort gehad en daar is niets mis mee. Het gaat pas mis als het tekort en dus de schuld van de overheid voortdurend stijgt (als percentage van het nationaal inkomen). Dat dreigde in Nederland alleen even rond 1982 nadat het kabinet Van Agt/Wiegel de begroting uit de hand had laten lopen. Als er een constant tekort is (bijvoorbeeld van 3%), dan zal op de duur ook de schuld constant zijn (namelijk 75% als de economische groei structureel bijvoorbeeld 4% is). Dus, je kunt een tekort als land heel goed en heel lang volhouden. Niet meer jokken Jan Kees, anders word je echt een slecht mens.

Koos Janssen(Amarantis): burgemeester in oorlogstijd?

Burgervader Koos Janssen
Koos Janssen is burgemeester van Zeist. Hij zal die functie ongetwijfeld bekwaam vervullen. Al moeten we natuurlijk even afwachten wat de burgervader gaat doen als er werkelijk een ramp in Zeist gebeurt. Wij vrezen dat hij dan op de vlucht slaat, zoals vele Zeeuwse burgervaders deden bij de watersnoodramp in Zeeland (1953). Janssen was namelijk ook voorzitter van de Raad van Toezicht bij de onderwijsgroep Amarantis, een onderwijsgigant met een topbestuurder die de onderwijsinstelling op perfecte en klassieke wijze (te veel diensten die niets met onderwijs te maken hadden, te dure huisvesting, enz. enz) naar de afgrond duwde. Volgens de recente Zembla-uitzending over Amarantis wist Janssen van het wanbeleid, maar bleef hij liever vriendjes met de bestuursvoorzitter. We zien hem in de uitzending hartelijk de bestuursvoorzitter uitzwaaien. De bestuursvoorzitter pakte namelijk zijn biezen toen het faillissement vrijwel een feit was. Hij kreeg een paar ton mee van Koos Janssen. Verontwaardiging bij docenten van het scholencluster, maar niet bij aardige Koos. Voor de lokale omroep zegt hij dat zijn werk als voorzitter van de raad van toezicht bij Amarantis goed heeft uitgevoerd. Hij is geen burgemeester in oorlogstijd, hij is een collaborateur.  

13 mei 2012

Jan Nagel: machtswellust en corruptie?

Jan en Kees in betere tijden
Jan Nagel had vroeger een grote bewondering voor het communistische systeem van de DDR (voor de jongeren onder ons: het oosten van Duitsland was na de tweede wereldoorlog als de Deutsche Demokratische Republik onder de invloedssfeer van de Sovjet Unie gekomen en werd verplicht het communistische economische en politieke systeem in te voeren). Er waren weliswaar DDR burgers die met gevaar voor eigen leven naar het westen wilden vluchten, maar dat waren renegaten die de lokroep van het imperialistische westen niet konden weerstaan. Zij moesten tegen zichzelf beschermd worden. Daarom was het ‘historisch juist’ dat de Berlijnse muur was opgetrokken, zoals Jan Nagel dat formuleerde. Nu heeft hij het druk met zijn politieke partij 50PLUS. Nagel is op zijn oude dag (72) helemaal terug in het centrum van de Nederlandse politiek, met twee zetels in de senaat. Als onverwoestbaar politiek dier richt hij zich op het eigenbelang van de rijke ouderen, want daar zijn er meer van dan arme ouderen. Maar nu is er ruzie in zijn club. De tweede man in de senaat, Kees de Lange, beschuldigt Nagel en de partij van machtwellust en corruptie. De Lange is per direkt opgestapt. Als Jan Nagel echt nog communistische neigingen heeft (zoals De Lange beweert) dan renderen ze niet meer; zelfs niet onder ouderen die de Berlijnse muur nog hebben meegemaakt. Op 12 september komt 50Plus niet inde Tweede Kamer.

12 mei 2012

Ad Koppejan: dissident of collaborateur?

Ad stemt voor
Het is bijltjesdag in het CDA en dus moeten Kamerleden, bewindslieden en zelfs gewone CDA-leden de ‘AbKlinkdissidentenproef’ (kortweg Klinkproef) doen. Deze proef wijst uit of men wel voldoende tegen de PVV is geweest tijdens de gedoogcoalitie (najaar 2010-april 2012). Ad Koppejan is vanaf het begin tegen de gedoogcoalitie VVD/CDA/PVV geweest en stemde als lid van de CDA-fractie onder voorbehoud voor het regeer- en gedoogakkoord. Op het gebied van het immigratie- en integratiebeleid zou hij tegen regeringsmaatregelen stemmen als die hem niet bevielen. Hij zal dus wel slagen voor de Klinkproef. Hoewel? Heeft hij ooit wel eens tegen een regeringsvoorstel gestemd, of heeft hij wel eens met de oppositie meegestemd als het om immigratie of integratie ging? Het is mij nooit opgevallen; bij het geval van de kennelijk ingeburgerde en geïntegreerde ‘asielzoeker’ Mauro stemde hij zelfs tegen een permanente verblijfsvergunning, hoewel hij eerder publiekelijk had laten weten dat deze jongen niet mocht worden uitgezet. Hij zou Wilders ontmaskeren, maar wat zegt Ad in De Volkskrant van deze ochtend? Dit: “Wilders heeft zichzelf ontmaskerd en ik ben nooit een dissident geweest.” Juist: Gezakt voor de Klinkproef en dus collaborateur.

10 mei 2012

Henk Bleker: hopelijk back-bencher

Ik kan het toch ook niet laten om het nog eens over Henk Bleker (CDA) te hebben. Hij is niet iemand waar het CDA trots op zou moeten zijn. Hij is zo onbetrouwbaar dat iedereen het door heeft en geregeld over hem heen valt. Dat is nu al 18 maanden het geval. Bij zijn opkomst (in het najaar van 2010) wierp hij zich op als de grote verzoener van de anti-PVV met de pro-PVV vleugel in het CDA. Nu binnen het CDA niemand meer iets met de PVV te maken lijkt te willen hebben, kan hij die rol van redder in nood niet meer uitspelen. Hij hoopte misschien dat niemand de ambitie had lijsttrekker van het CDA te willen worden. Dan kon hij zich alsnog als de redder van de partij presenteren als de enige, echte, heldere kandidaat lijsttrekker van het CDA. Maar toen dachten 11 anderen dat zij dat ook wel konden zijn. Bleker werd het twaalfde wiel aan de wagen. Gelukkig voor hem werden er alsnog 6 gediskwalificeerd. Nu is hij het zesde wiel. Hij schijnt in de verkiezing binnen het CDA op niet meer dan 5% van de stemmen te mogen rekenen. Zelfs CDA-leden hebben nu door dat Bleker niet de man is om de betrouwbaarheid van het CDA weer op de kaart te zetten. Voor hem te hopen is dat hij nog back-bencher in de Kamer mag worden. Kan hij toch nog zo nu en dan in Paul en Witteman verschijnen.

09 mei 2012

Ab Klink: bijltjesdag

Bijltjesdag in het CDA
Ab Klink (CDA) verzette zich in 2010 bij de kabinetsformatie tegen samenwerking met de PVV. Toen die samenwerking toch doorging, stapte hij uit de politiek. Nu die samenwerking met de PVV ook al weer verleden tijd is, moet er een nieuwe CDA-leider komen. Drie van de zes kandidaten werkten in het kabinet of in het parlement samen met de PVV. Ab Klink zegt daarover: “Steeds weer zal hun worden gevraagd hun keuze voor Wilders te verklaren. Een keus die ze tot het allerlaatste moment volhielden. Die kwetsbaarheid is een grote handicap voor deze kandidaat-lijsttrekkers.” Het lijkt wel alsof Wilders oorlogsmisdaden heeft begaan en de drie kandidaten dus collaborateurs zijn, medeschuldig aan oorlogsmisdaden.

08 mei 2012

Jack de Vries: spint weer onbeschaamd

Jack de Vries (CDA) mag hier natuurlijk niet ontbreken. Ik ken hem van lang (15 jaar) geleden, toen ik nog politiek actief was. We zaten samen in een commissie.  Ook toen al stonden zijn mondhoeken continu in de opti-stand. Jack was blij, altijd blij. Tegenspoed kon Jack niet deren, Jack zat, met mondhoeken en al, in de lijn omhoog. Hij schopte het zelfs in 2007 tot bewindspersoon, staatssecretaris van defensie in het kabinet met Wouter Bos (PvdA). In de verkiezingscampagne van 2006 had Jack er persoonlijk voor gezorgd dat Wouter Bos als een onbetrouwbaar politicus werd afgeschilderd. Geen probleem voor Jack om met Bos samen te werken. Als bewindspersoon voor de gezinspartij CDA liet Jack vervolgens zijn gezin in de steek en ging een liefdesrelatie aan met een ondergeschikte. Een doodzonde in het leger. Niet voor Jack, al probeerde hij wel zijn relatie geheim te houden, wat natuurlijk niet lukte. Jack moest ontslag nemen. Met pek en veren af. Einde voor Jack? Niet voor Jack. Een paar maanden na zijn publieke teloorgang, zat hij alweer bij DWDD als blije gast commentaar te geven op de politiek. Jack kent geen schaamte: hij zet zichzelf, desnoods met pek en veren, weer in de publieke etalage. Hij schijnt nu spindoctor te zijn van die andere slechterik, Henk Bleker, die zei dat hij alleen lijsttrekker wilde worden van het CDA als niemand anders zich zou melden. Hij meldde zich als twaalfde kandidaat. Geen probleem voor Jack. Aan betrouwbaarheid doet Jack niet. Henk Bleker is een prima klant voor Jack. Bleker gaat niet winnen. Jack wel, Jack wint altijd.    

06 mei 2012

Arnold Heertje: met zo'n vriend

Heertje gelooft niet meer in Keynes
Heertje mag zich graag afficheren als prominent PvdA-lid. Bij verkiezingscampagnes wilde hij zich in het verleden nogal eens met zijn bekende guitige blik in de PvdA-verkiezingsbus installeren. Op de dag van de arbeid, 1 mei, echter, schreef hij een merkwaardig stuk over de rol van de PvdA in het zogenaamde Kunduz-akkoord. Nederland moest volgens hem op 1 mei met een geloofwaardige reductie van het begrotingstekort komen om aan de 3%-norm van de EU te kunnen voldoen. Omdat de PvdA dat niet wilde, “maar meer nadruk wilde leggen op verdelingsvraagstukken dan op onze participatie in Europa en de wereldeconomie”, was de PvdA kennelijk tegen Europa. Aldus de hooggeleerde econoom Heertje. Dat Heertje vindt dat het beter is om incidentele maatregelen te nemen om aan de 3%-norm te voldoen dan er vrijwel vanzelf aan te voldoen door niet of weinig te bezuinigen (zoals in Nederland het geval is, zie hier), ok. Dat vonden en vinden velen en Heertje babbelt ze na. Maar het is nogal curieus om de PvdA ervan te betichten tegen Europa te zijn, terwijl het Europabeleid van de VVD/CDA-coalitie alleen maar door het parlement kon komen door de steun van de PvdA, bij afwezigheid van de PVV. De coalitie steunde de aanpak van de eurocrisis door de EU die warrig, onsamenhangend, zonder duidelijk doel en, zoals binnenkort ongetwijfeld zal blijken, ineffectief was. Je zou er hoogstens de PvdA van kunnen betichten dat ze te weinig kritisch tegen Europa zijn geweest. Heertje wil (“om een waaier van redenen” om zijn eigen proza te imiteren) de PvdA in de hoek met de SP en de PVV zetten, daar waar “de dynamiek van de creatieve verandering” aan de PvdA voorbijgaat. Lekker als je zo’n prominent lid in je midden hebt. Dan heb je geen vijanden meer nodig.

Slechte Kunduz-gangers

Kunduzgangers (D66 ontbreekt, te druk)
Het is alweer ruim een week geleden: het Kunduz-akkoord. Een ‘monsterverbond' van de (demissionaire) regeringspartijen CDA en VVD met de oppositiepartijen D66, GL en CU dat genoeg bezuinigingen vond om aan de Europese norm van een tekort van 3% te voldoen. Overal klonk gejuich voor de durf die vooral de oppositiepartijen toonden. Inderdaad! Om zo’n gedrocht van een akkoord de wereld in te sturen was durf nodig. Wat was er aan de hand? In 2013 is het overheidstekort ruim 1,5% te hoog. Dat is 9 miljard euro. Maar in de jaren daarna gaat het tekort ‘vanzelf’ dalen tot iets boven de 3%, de EU norm dus. Nederland hoeft dus eigenlijk niet veel te doen, misschien 6 miljard bezuinigen voor de zekerheid. Wat Kunduz echter deed was ruim 12 miljard euro bezuinigen om die dan later weer voor een deel ongedaan te maken. Om maar in 2013 aan de norm te kunnen voldoen. Iedere econoom weet dat incidentele maatregelen slecht zijn voor de economie. Je kunt beter voor eeuwig een klein beetje kwaad doen dan in één jaar een heleboel kwaad. Er zaten economen onder de onderhandelaars, maar ze openbaarden hun wijsheid niet. Kennelijk. De betrokkenen zeiden dat er daadkracht was getoond en dat de financiële markt weer vertrouwen in de Nederlandse overheid kon hebben. Dat is politiek bedrijven: zeggen dat goed is wat slecht is. Maar slecht blijft het.